Het begrotingsevenwicht van de federale regering is uitgesteld tot 2019
Johan Van Overtveldt en Charles Michel Foto: Photo News
De federale regering stelt de terugkeer naar het begrotingsevenwicht uit in 2019. Daarover is er binnen het kernkabinet een akkoord, is in regeringskringen vernomen. De Hoge Raad voor Financiën (HRF), de begrotingswaakhond, had begin deze maand de deur op een kier gezet voor een latere terugkeer naar het begrotingsevenwicht.

Een structureel evenwicht in 2018 was lange tijd naar voor geschoven als doelstelling. In een advies stelde de HRF begin deze maand dat dit het aanbevolen traject blijft. Maar de begrotingswaakhond schoof ook een tweede zogeheten 'minimaal vereist' traject naar voor. De regering zou dus kunnen kiezen voor een begroting in evenwicht in 2019, waardoor de begrotingsinspanning voor 2018 dus minder zwaar zou zijn.

In regeringskringen is vernomen dat nu voor dat tweede traject is gekozen. Minister van Begroting Sophie Wilmès (MR) bevestigt die keuze. Om het evenwicht te bereiken is een verbetering nodig van het structureel saldo met 0,6 procent volgend jaar en met 0,3 procent in 2019.

'Sinds het aantreden van de regering daalt ons structureel tekort significant. We zouden tegen eind dit jaar onder de 1 procent moeten uitkomen. Ook al is het saneren van de begroting een feit en moet dit resoluut voortgezet worden, het evenwicht in 2018 kan geen doel op zich zijn. De doelstelling van een evenwicht in 2019 is ambitieus. Dat laat ons toe om tegelijkertijd de sanering voort te zetten en hervormingen door te voeren die nodig zijn om de economische heropleving en de jobcreatie te versterken', zegt Wilmès.

Tegen 30 april moet de regering bij de Europese Commissie een stabiliteitsprogramma indienen met de begrotingsdoelstellingen voor de periode tot 2020.
 

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig