54 procent van de Vlamingen verkiest stemrecht boven de huidige opkomstplicht bij de verkiezingen. Dat blijkt uit de Politieke Barometer van De Standaard en de VRT. 74 procent geeft aan ook zónder verplichting nog naar het stemhokje te trekken.

Als één van de weinige landen ter wereld zweert België nog steeds bij een opkomstplicht op de dag van de verkiezingen. Die plicht staat al sinds 1893 in de Grondwet en is stilaan gedateerd, zo vindt een meerderheid van de mensen die hebben deelgenomen aan de jongste Politieke Barometer van De Standaard en de VRT waarover de krant morgen uitgebreid bericht.

Zo’n 33 procent van de respondenten is helemaal klaar om over te schakelen op stemrecht, 21 procent verklaart zich ‘eerder akkoord’. Slechts 1 op de 3 respondenten verkiest expliciet de bestaande opkomstplicht. Die verplicht mensen niet om te stemmen, wel om zich naar het stemhokje te begeven. Bij elke stembusslag blijft een kleine 10 procent van de stemgerechtigde Belgen toch nog thuis, zij worden al een tijdje niet meer beboet.

Sociale achtergrond

Opmerkelijk: vooral arbeiders, gepensioneerden en burgers uit de lagere sociale klassen willen ervan af. Het zijn dezelfde mensen die aangeven thuis te zullen blijven als ze niet langer verplicht zouden worden om te stemmen. Dat geldt ook voor vrouwen: een kwart van de vrouwen zou niet gaan stemmen als het niet moest. 

Net die ‘scheeftrekking’ op het vlak van sociale achtergrond en geslacht doet politicologen vasthouden aan het huidige systeem. Volgens professor Johan Ackaert (UHasselt) is het de verdienste van de opkomstplicht dat ze ‘de lat voor iedereen gelijk legt’.

‘Het waardevolle eraan is dat iedereen participeert aan de democratie’, aldus Ackaert in een interview met dS Avond. ‘Bovendien heeft de opkomstplicht ook een belangrijke signaalfunctie. Ook al staat de uitslag van de verkiezingen ons niet altijd aan, ze duidt vaak wel op dieperliggende problemen in de samenleving. Ik heb liever dat sympathieën voor extreem gedachtegoed in kaart worden gebracht, dan dat ze onder de radar blijven.’

Goed voor CD&V

Wie aangeeft wél nog te zullen gaan stemmen, zijn de mannen, zelfstandigen, kaderleden, burgers uit de hogere sociale klassen, enzovoort - in totaal 74 procent van de respondenten. Kijken we enkel naar hun voorkeuren in de Politieke Barometer, dan blijkt dat vooral CD&V lichtjes wint en ook de liberalen er wel bij varen. Het Vlaams Belang zou er integendeel op achteruitgaan, net als Groen en de SP.A.

Toch moeten we van CD&V geen bocht verwachten. ‘De opkomstplicht maakt voor ons deel uit van het burgerschapsverhaal’, klinkt het op het partijhoofdkwartier. Als politicoloog heeft voorzitter Wouter Beke de voorbije twintig jaar ‘tal van oefeningen’ zien voorbijkomen, ‘waaruit steevast bleek dat CD&V beter zou scoren mocht er een stemrecht en geen -plicht bestaan’. ‘Maar wij hebben niet de gewoonte om onze principes te verloochenen, ook al blijkt uit onderzoek dat we daar ons voordeel mee zouden doen’, besluit woordvoerder Steffen Van Roosbroeck. ‘Als je de opkomstplicht afschaft, mis je een groot deel van het publiek, waarvan je dan niet weet wat ze denken en vinden.’

Nederland

Open VLD vindt het resultaat dan weer een ‘goede zaak’. ‘Voor ons moeten mensen de vrijheid hebben om zelf te beslissen om te gaan stemmen’, verklaart partijwoordvoerster Laure Stuyck. ‘Politici moeten de stem van mensen verdienen. En als het er echt toe doet, dan gaan mensen stemmen. Kijk maar naar Nederland, waar er ook stemrecht is.’

De Vlaamse liberalen maken er naar eigen zeggen een ‘strijdpunt’ van om de opkomstplicht uit de Grondwet te halen. ‘We doen dat nu al in het kader van politieke vernieuwing door het afschaffen van de sancties. Dat komt de facto neer op stemrecht’, aldus nog Stuyck.

De andere resultaten van de politieke barometer vindt u morgenochtend in de krant.