Europese lidstaten moeten niet verplicht een humanitair visum geven aan vluchtelingen die ernstig gevaar lopen. De staten mogen dat echter wel doen op basis van hun nationale recht. Dat heeft het Europees Hof van Justitie beslist. Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) reageert tevreden.

Het Unierecht heeft enkel de procedures vastgelegd voor visa voor wanneer de aanvrager hoogstens 90 dagen in de betrokken lidstaat wil verblijven. Daardoor is het dus niet van toepassing in de zaak die hier is beoordeeld. De aanvraag van het betrokken gezin heeft immers geen kort verblijf als doel. 

De beslissing over het al dan niet toekennen van een visum ligt dan ook bij de lidstaat zelf, is de conclusie van het Hof. 

Geladen procedure

De visumkwestie kreeg de afgelopen maanden bijna epische proporties. Een gezin uit het Syrische Aleppo vroeg via de Belgische ambassade in Beiroet een humanitair visum aan, zodat het naar hier zou kunnen reizen om een asielaanvraag in te dienen. In afwachting van de beslissing over die aanvraag, zou het gezin terechtkunnen bij een welgestelde familie uit Namen.

Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) weigerde om het visum te laten afleveren omdat hij vreest dat zo een nieuw migratiekanaal zou worden gecreëerd: via de diplomatieke posten her en der in de wereld zouden asielzoekers een (tijdelijk) verblijf in ons land kunnen afdwingen. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, een rechtscollege waar asielzoekers in beroep kunnen gaan tegen een administratieve beslissing, vond dat Francken toch het visum moest afgeven. Daarop ontspon zich een zeer geladen juridische procedure.

Maar tegelijk liep er nog een andere zaak met sterke gelijkenissen: een ander gezin uit Aleppo vroeg ook via de ambassade in Beiroet een visum aan om zo een asielprocedure te starten. Als orthodoxe christenen vrezen ze vervolging omwille van hun geloofsovertuiging. Maar ook in dat geval weigerde de Dienst Vreemdelingenzaken, de administratie die onder Francken valt, om het visum toe te staan. Het koppel met drie kinderen ging daartegen in beroep. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen besloot om de kwestie voor te leggen aan het Europese Hof van Justitie.

In die zaak heeft het Europees Hof zich zonet uitgesproken. Het vindt dat asielzoekers in levensbedreigende situaties niet zomaar naar Europa moeten kunnen reizen aan de hand van een humanitair visum. Daarmee gaat het Hof in tegen het advies van de advocaat-generaal, wat vrij uitzonderlijk is.

‘Gezond verstand gezegevierd’

‘Het gezond verstand heeft gezegevierd’, reageert de N-VA. ‘Europa is aan een groot onheil, namelijk een oncontroleerbaar nieuw migratiekanaal, ontsnapt.’ Francken zelf toon zich in een eerste reactie op Twitter erg tevreden over de uitspraak.

Visumcode

Wat het Europees Hof vandaag feitelijk moest doen, is de Europese visumcode interpreteren. ‘Die visumcode is niet geschreven voor asielzoekers die hier willen blijven, maar voor bijvoorbeeld mensen die om medische redenen en voor korte tijd in een Europees land willen blijven’, zei professor ­migratierecht Dirk Vanheule (UAntwerpen) in onze krant. De vraag was volgens hem of het Europees Hof van Justitie iets in de code leest wat nooit de bedoeling is geweest.