Niet iedereen onderneemt in openbare zwembaden een rillerig tochtje naar de toiletten wanneer de nood het hoogst is. Wetenschappers onderzochten hoeveel urine zich gemiddeld in zwembaden en jacuzzi’s bevindt, en kwamen uit bij een verbazingwekkend hoog getal.

Doorgewinterde zwemmers weten: wanneer de chloorconcentraties in het water hoger zijn  dan normaal, geldt dat waarschijnlijk ook voor de hoeveelheid urine. Maar liefst 19 procent van de volwassenen zou geen graten zien in een occasioneel plasje in het zwembad. Zelfs Michael Phelps, koning van het Olympische bad, gaf toe dat het acceptabel is onder collega’s. Maar wat is eigenlijk de ratio zwembadwater-urine in een gemiddeld zwembad?

Canadese wetenschappers namen drie weken lang stalen in 31 zwembaden en jacuzzi’s. Ze zochten telkens naar sporen van een artificiële zoetstof die niet door het lichaam wordt afgebroken en die vaak wordt gebruikt in verwerkt voedsel. De hoeveelheid daarvan in het gemiddelde plasje, gebruikten ze om een inschatting te maken.

Ze kwamen tot de conclusie dat zwembadgangers op drie weken tijd ongeveer 75 liter urine hadden geloosd in 830.000 liter water, dat is een derde van een Olympisch zwembad. Daarnaast hadden ze ook 30 liter in een tweede zwembad, dat ongeveer de helft zo groot was als het eerste, geloosd.

Hoeveel zwemmers stiekem verlichting zoeken in het water, kon niet worden gemeten. Lindsay Blackstok, hoofdauteur van de studie, verklaart daarover aan The Guardian: ‘We hebben het aantal zwembadgebruikers niet geturfd, dus we kunnen niet inschatten hoeveel individuele urinelozingen er waren per dag.’

Wie hier al zijn neus optrekt, leest best niet verder. De wetenschappers namen namelijk ook enkele jacuzzi’s onder de loep. In acht daarvan vonden ze aanzienlijk hogere concentraties urine. Een jacuzzi bevatte zelfs drie keer zoveel urine als het vuilste zwembad.

Bovendien vonden de onderzoekers urine in elk zwembad dat ze onderzochten, en kwamen ze tot de conclusie dat de hoeveelheden urine in zwembaden maar liefst 570 keer zo hoog zijn als die in kraantjeswater.

Onderzoekster Blackstok wil er graag het positieve van in blijven zien: ‘We willen deze studie gebruiken om het publiek te onderwijzen over gepaste zwemhygiëne. We zouden iets meer rekening met elkaar moeten houden, en het zwembad moeten verlaten wanneer de natuur roept.’