Belgische biofles gaat concurrentie aan met petfles
Foto: Rhonald Blommestijn

Het chemiebedrijf Avantium wil vanaf 2021 in Antwerpen de groene drank­fles van de toekomst produceren. Ze gaan dat doen in een nog te bouwen fabriek op de site van BASF.

Het Nederlandse chemiebedrijf Avantium en het Duitse concern BASF hebben elkaar gevonden in een project dat – naar eigen zeggen – de bestaande markt van plastic verpakkings­materiaal ‘totaal zal veranderen’. Met hun joint venture Synvina willen ze drankflessen en andere verpakkingen produceren die volledig uit plantaardig materiaal zijn gemaakt, met grondstoffen als mais of suikerbiet.

Ze gaan dat doen in een nog te bouwen fabriek op de site van BASF in het Antwerpse havengebied. Om de bouw van die installatie en de opstart van de bioflessen-productie te financieren, trekt Avantium in maart naar de beurs. Met een gelijktijdige beursgang in Amsterdam en Brussel hoopt ceo Tom Van Aken 100 miljoen euro vers kapitaal op te halen.

Van Aken wil volgend jaar met de bouw van de fabriek beginnen en hoopt in 2021 zijn bioflessen op de markt te kunnen brengen. ‘We mikken in het begin op een jaarproductie van 50.000 ton,’ zegt Van Aken, ‘goed voor zo’n 4 miljard drankflessen.’

Als het goed loopt, is het de bedoeling om de productie wereldwijd op te voeren door concessies te geven aan bestaande chemie­bedrijven.

De bioflessen worden gemaakt op basis van polyethyleenfuranoaat of PEF en zijn volledig gebaseerd op plantaardige materialen, met name op fructosesiroop. Die fructosesiroop wordt gehaald uit mais, tarwe en suikerbiet. Daarnaast experimenteert Avantium ook met alternatieve (niet-eetbare) grondstoffen zoals houtsnippers en landbouwafval.