Waarom een fleecetrui altijd een fout idee is
Foto: uniqlo

Stilist Jani Kazaltzis is allesbehalve een fan van fleecetruien en nu krijgt hij ook steun uit onverwachte hoek. De warme truien zijn namelijk lang niet zo ecologisch als velen denken.

De fleecetrui is al lang een vaste waarde in de kledingkast van boswachters, poolreizigers, biomoestuiniers en veganisten, maar een aantal modehuizen gaven het verguisde kledingstuk recent een luxueuze update, waardoor ook kledingketens met zijn allen fleece gingen verkopen. En dat is slecht nieuws voor het milieu, ondanks het groene imago van de trui, die gemaakt wordt van gerecycleerde petflessen.

‘Ik draag nooit fleece: te vervuilend’, zegt Colin Janssen, hoogleraar milieutoxicologie van Universiteit Gent. ‘Telkens als je fleece wast of draagt, komen er microscopisch ­kleine deeltje plastic vrij. Bij één wasbeurt van een fleecetrui komen al snel tweeduizend vezeltjes vrij. ­Waterzuiveringscentra houden maar vijftig ­procent van die microplastic tegen, dus de helft komt sowieso in onze ­rivieren en zee terecht.’

Daar verstoren ze het ecosysteem en belanden ze in organismen die water filteren, zoals mosselen. ‘In één portie mosselen krijg je zo al snel 50 tot 100 microplasticdeeltjes naar binnen. Ons afval komt dus uiteindelijk op ons bord terecht.’

Bovendien is het ingewikkelde productieproces van fleece ook behoorlijk vervuilend en energiever­slindend. De petflessen worden versnipperd, gemalen, gesmolten en tot draden getrokken om er een trui van te kunnen weven. ‘Het is veel milieuvriendelijker om petflessen gewoon weer te hergebruiken, in plaats van ze tot fleece te verwerken’, zegt Janssen.