Komt de videoref er binnenkort aan? KU Leuven gaat de mogelijkheid onderzoeken
Foto: BELGA

Een team van de KU Leuven is in opdracht van de International Football Association Board (IFAB), de instantie die in de voetbalwereld beslist over de regels van het spel, gestart met een onderzoek naar de videoref. Daarmee zal vanaf 2017 in een 20- tal competities geëxperimenteerd worden. Dat bevestigt onderzoeksleider Werner Helsen.

KV Mechelen wil de felbesproken match tegen Genk toch laten herspelen, nadat ref Luc Wouters de verkeerde speler van het veld stuurde. Het voorstel om een videoref in te schakelen wordt door steeds meer mensen gesteund. De KU Leuven gaat die mogelijkheid nu onderzoeken.

Meerdere landen

Het onderzoek gaat door in verschillende landen. Die moeten de videoref in hun competitie uittesten. “We zijn nu een vrij gedetailleerd protocol aan het uitwerken waarop alle betrokken landen zich moeten baseren. Na elke match moeten ze ons op een gestructureerde manier informatie bezorgen. Ze moeten bijvoorbeeld aangeven hoeveel keer ze een beroep deden op de videoref in de wedstrijd, in welke mate het spel vertraagt en hoe vaak de scheidsrechter zijn mening herzag. Om de paar maanden komt er een tussentijds rapport. De finale evaluatie staat gepland voor 2018,” zegt Helsen.

De deelnemende landen mogen beroep doen op de videoref wanneer de fout van de scheidsrechter gemaakt wordt in de fase die voorafgaat aan een doelpunt, een strafschop of een rode kaart of als een verkeerde speler een kaart krijgt. “Dit protocol is niet zaligmakend. Er zal in de toekomst nog wel aan kunnen gesleuteld worden”, zegt Helsen.

Geneigd zwaarder te straffen

De vraag is natuurlijk of de videoref de arbitrage ook correcter zal maken. “Daarnaast evalueren we in hoeverre de videoref het spel vertraagt. Vraag in dit verband is hoever men bij fouten kan teruggaan in de tijd. Ik herinner aan het EK-doelpunt van Lukaku bij een tegenaanval waarbij 6” voordien een Belgische verdediger een fout in het eigen strafschopgebied beging”, aldus Helsen.

Een ander heikel punt is het gebruik van ‘slow motion’ beelden. “Onderzoek heeft uitgewezen dat men bij het bekijken van vertraagde beelden veel meer geneigd is om tackles zwaarder te bestraffen”, aldus Helsen.

Het Leuvense team, dat heel wat ervaring heeft met onderzoek naar scheidsrechterlijke beslissingen, is overigens ook aanwezig bij wedstrijden om het gebruik van video-opnames door de arbitrage te begeleiden en te adviseren. “De medewerker, die voltijds werkzaam is in dit project, was bijvoorbeeld dinsdag nog aanwezig bij de match Italië-Duitsland om ter plaatse te kijken wat er kan verbeterd worden. Wat wij doen omvat dus ook een permanent begeleidingstraject”, zegt Helsen nog.