‘Inlichtingendiensten zijn niet kritisch voor elkaar’
Foto: BELGA

Kamerlid Stefaan Van Hecke (Groen) sprak een breed gedeeld gevoel uit in de parlementaire onderzoekscommissie 22/3: diensten die tot nu toe de revue passeerden in het luik ‘veiligheid’ zijn opvallend lief en vriendelijk voor elkaar.

‘Het doet mij denken aan de Engelse uitdrukking ‘You scratch my back and I’ll scratch yours’’, zegt Van Hecke. ‘Het mooie plaatje dat hier wordt geschetst staat in schril contract met vroegere rapporten van de Comités P en I (de vaste toezichtscomités op de politie- en inlichtingendiensten, red.).’

Hebben ze dit afgesproken of vrezen ze de zwartepiet?

‘Ze zijn bang om kritisch te zijn voor elkaar, én voor zichzelf. Je merkt wel dat de samenwerking niet altijd goed loopt en er problemen zijn met het beheren van alle informatie die binnenstroomt, maar eenmaal dat zoiets concreet wordt gemaakt, zijn er natuurlijk politiek verantwoordelijken. Daarom wordt elke gelegenheid aangegrepen om te bewijzen dat onze diensten performanter werken dan hun buitenlandse collega’s.’

Ze schermen wel allemaal met een schrijnend personeelstekort.

‘Politie en Justitie ontsnappen niet aan de zware besparingsoefening van de regering-Michel, en hier zie je heel duidelijk dat de veiligheidsdepartementen voelen dat meteen. Iedereen heeft de mond vol van het aanwerven van Arabisch sprekende agenten, maar hoe kun je aanwerven zonder geld? Vandaag is er nochtans geen keuze: de Staatsveiligheid moet evolueren naar een flexibele organisatie die zich snel kan aanpassen aan nieuwe dreigingen.’

Op deze manier worden eventuele disfuncties in de veiligheidsarchitectuur toch niet blootgelegd?

‘Het blijft inderdaad allemaal erg algemeen, áls 22/3 al ter sprake komt, is het vooral om paraplu’s open te trekken. Wij, de parlementsleden, kunnen wel kritischer zijn als we alle informatie samen leggen. Dan kunnen we gerichter ondervragen en zullen de betrokkenen zich op hun eigen rol moeten verantwoorden. Dat gebeurt nu nauwelijks.’ Maar dat betekent niet dat wij, de parlementsleden, ons werk niet kunnen doen. Wij kunnen wél kritischer zijn als we alle informatie - wie wist wat en deed wat op welk moment - samen leggen en nauwer bekijken. Dan kunnen we gerichter beginnen ondervragen en zullen de betrokken zich op hun eigen rol moeten verantwoorden. Dat gebeurt nu nauwelijks.’

Bent u teleurgesteld?

‘Ik had meer verwacht van dit luik. Ik hoopte dat de betrokkenen een interne evaluatie hadden gemaakt én konden duidelijk maken wat ze in de tussentijd gerealiseerd hebben om hun werking te heroriënteren. Daar blijf ik op mijn honger zitten.’

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig