Anderhalf uur lang, zonder zelfs maar de kleinste reclame-onderbreking, gingen Hillary Clinton en Donald Trump vannacht in New York in de clinch. Over wie er het eerste debat gewonnen heeft zal de volgende dagen nog veel gepalaverd worden. Wie van feiten en objectiviteit houdt, zal Clinton als de winnaar op punten aanduiden, maar het Trump-kamp zal ook niet ontevreden zijn. Het merkwaardigste aan dit eerste duel was immers dat ‘the Donald’ als het erop aankomt zichzelf beter onder controle heeft dan verwacht werd.

De economische toestand van het land, de raciale spanningen en het geweld, en terrorisme en internationale veiligheid: dat waren de drie grote thema’s die moderator Lester Holt aan de kandidaten voorlegde. Grensverleggende nieuwe standpunten werden niet onthuld, het gaat er bij zo’n debat immers meer over wie wie het best in de touwen kan duwen.

Zowel Trump als Clinton probeerde de toon aanvankelijk beschaafd te houden. Ze hadden zichzelf duidelijk ongeveer dezelfde hoofdopdracht meegegeven: niet uit de bocht gaan door een fatale stuurfout, en redelijk en ‘presidentiabel’ overkomen.

Voorbereiding

Dat Trump daar behoorlijk in slaagde, was toch vrij verrassend. Veel waarnemers hadden voorspeld dat strak gemodereerde lange debatten zijn achilleshiel zouden blijken. Hij werd immers al vaak een ADHD-patiënt genoemd, niet in staat zich langer dan tien minuten op één taak te concentreren. Hij deed het vannacht anderhalf uur, en was duidelijk beter voorbereid over de dossiers dan hij zelf wil toegeven – met zijn gekoesterde imago van anti-intellectueel die spontaan zegt wat in hem opkomt. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Verbaal was Trump veruit de agressiefste van de twee: hij onderbrak Hillary voortdurend tijdens haar spreektijd, trachtte haar en de moderator geregeld te overpoweren met zijn simplistische woordgebruik.

Hillary Clinton trachtte dat te pareren met waardigheid, en riep de kijkers geregeld op te luisteren naar experts en naar de factcheckers online. Qua accuraatheid scoorde zij immers veel beter dan Trump, al deed haar angstvalligheid om geen feitelijke blunders te begaan haar soms ook wat onzeker overkomen. Hillary gebruikte veelvuldig een spiekbriefje, iets wat Trump nimmer doet.

Bits debat

Maar ondanks de relatief voorzichtige instelling van de opponenten, werd snel duidelijk hoe geladen deze verkiezingen zijn. Het debat was bij momenten bits. Trump viel Clinton voortdurend aan als de typische establishment-politica die al járen de kans heeft gekregen het te bewijzen en dus een van de hoofdverantwoordelijken is voor de neergang van de VS. In zijn typische stijl vatte hij haar samen als ‘typische politica. Blablabla maar geen daden. Het klinkt goed maar het werkt niet’.

‘Typische politica. Blablabla maar geen daden. Het klinkt goed maar het werkt niet.’
Donald Trump
Republikeinse Partij
 

Terwijl Clinton, die minder vaak in de aanval ging, toch uitpakte met een unicum in de annalen van de Amerikaanse presidentsverkiezingen: ze beschuldigde hem van ‘een lange geschiedenis van racistisch gedrag’.

Zo ging het ook tijdens het debat over internationale veiligheid. Trump in de aanval over de ongelooflijke knoeiboel waarin de wereld zich bevindt, en hoe dat te wijten is aan de zwakke aanpak door de Democraten en de voormalige minister van Buitenlandse Zaken zelf – onder meer met de door hem verguisde deal met Iran, en de onvoldoende krachtdadige aanpak van IS.

Clinton counterde door hem te vragen eens zélf met een plan te komen. ‘O ja, u hebt een geheim plan. Wel weet u wat uw geheim plan is? Dat u er geen heeft.’ Ze riep ook het schrikbeeld op van een Donald Trump met zijn lange tenen en overreagerend temperament, als de commander-in-chief met de nucleaire codes in de hand.

‘O ja, u hebt een geheim plan. Wel weet u wat uw geheim plan is? Dat u er geen heeft.’
Hillary Clinton
Democratische Partij
 

Perceptie

De vraag is nu welk beeld het best zal blijven hangen. Dat zal in aanzienlijke mate afhangen van de spindoctors die nu in de media de teneur trachten te zetten.

Die van Trump zullen onderstrepen dat hij bewezen heeft in staat te zijn tot een redelijk debat, en dus geenszins de schreeuwerige leeghoofd is die zijn tegenstanders van hem maken. En Trumps aanhangers zullen zeker genoten hebben van hoe ad rem de man vaak is. (‘Zoals u tekeer gaat, ga ik op het einde van dit debat de schuld van álles gekregen hebben’, mopperde Clinton halverwege, waarop Trump in een fractie van een seconde ‘why not?’ zei. Maar zijn snelle reacties verraden soms ook te goed Trumps ware aard. Toen zij hem verweet dat hij zijn belastingaangifte weigert vrij te geven omdat hij iets te verbergen heeft, namelijk dat hij nooit belastingen betaalt, reageerde Trump spontaan ‘wat bewijst dat ik slim ben’. In ander landen zou dat het einde van een politieke carrière betekenen, maar Trump heeft al veel gekkere uitspraken overleefd.)

Hillary’s kamp zal benadrukken dat zij waardig was, de feiten aan haar kant had en zich zelden van haar stuk liet brengen. En de enkele keren dat ze terugsloeg, was het ook goed raak. Het ‘it must be something terrible he has to hide’ (over Trumps nog steeds niet vrijgegeven belastingaangiften) zal ongetwijfeld blijven hangen – Trumps repliek dat Hillary dan maar eens eerst die 43.00 e-mails van haar moet vrijgeven, was naast de kwestie.

Ook Clintons slotboodschap aan vrouwen en minderheden kon tellen. Ze vertelde een anekdote over hoe Trump een latina-kandidate bij een Miss Universe-verkiezing ‘miss Piggy’ en ‘miss Poetsvrouw’ noemde: seksisme en racisme in één quote samengevat. Je kunt je alleen afvragen wie ze daarmee van gedacht doet veranderen, aangezien die kantjes van Trump al lang overbekend waren.

Ook na vannacht zullen veel Amerikanen aar één ding onthouden: Trumps constante retoriek dat het met politici altijd hetzelfde is. Dat een land in moeilijkheden een man nodig heeft die weet hoe je deals maakt waaruit je winst haalt. ‘Een man die, luister goed mensen, een inkomen van 694 miljoen dollar per jaar heeft. Zulke mensen heeft dit land nodig.’