Na het noodweer van zaterdag zijn opnieuw huizen en landbouwgronden onder water gelopen. De vrees dat het geld van het Rampenfonds, dat dit jaar al twee natuurrampen dekt, opraakt, leeft in de getroffen gemeenten. Het kabinet-Bourgeois bedaart de gemoederen.

De bewoners van enkele gemeenten in het oosten van Vlaams- en Waals-Brabant en het zuidwesten van Limburg leverden afgelopen weekend een titanengevecht tegen de liters water die hun huizen binnenstroomden en de oogst op hun velden zo goed als zeker hebben vernield. Enkel in de gemeente Tienen kreeg de brandweer zaterdagavond al 200 meldingen van wateroverlast. In Linter en Kortenaken werd dan weer tijdelijk het gemeentelijk rampenplan afgekondigd.

‘De schoonmaak zal nog dagen duren’, zei de burgemeester van Linter, Marc Wynants (CD&V) aan de VRT. ‘De toestand is rampzalig. Het is hier één grote modderpoel.’

Wynants vergelijkt de situatie met het onweer dat de gemeente eind juni trof. Toen viel er 40 liter water per vierkante meter in een half uur tijd. ‘Nu hebben we het al over 85 liter’, zegt de burgemeester. ‘Het water stond op sommige plaatsen meer dan een halve meter hoog. Dat is gewoonweg onwezenlijk.’

In Kortenaken klinkt hetzelfde geluid. Opruimen tot ’s nachts, kijken of er speciale openingsuren kunnen worden voorzien voor al het puin dat naar het containerpark moet worden gebracht, en vingers kruisen dat het Rampenfonds de hevige wateroverlast als natuurramp erkent. ‘We hopen op het Rampenfonds’, zeggen de burgemeesters van Linter en Kortenaken. ‘Maar we vrezen dat het fonds uitgeput geraakt door al dat noodweer van de voorbije maanden.’

(De tekst gaat verder onder de video)

 

De vrees dat mensen die geen aanspraak kunnen maken op een vergoeding via hun brandverzekering (niet-verzekerden en eigenaars van landbouwgronden bijvoorbeeld) uit de boot vallen bij het Rampenfonds, zwelt aan in de getroffen regio’s.

Geen reden tot paniek

Toch is er geen reden tot paniek, benadrukt de woordvoerster van Geert Bourgeois (N-VA), Lisa Lust. ‘Het Rampenfonds heeft een eigen budget dat van de Vlaamse Overheid komt. Dit jaar is noodweer inderdaad al twee keer erkend als natuurramp, waardoor mensen aanspraak maken op een tegemoetkoming van het Rampenfonds, maar dat betekent niet dat de middelen uitgeput zijn of geraken. Voor alle duidelijkheid: het fonds zit niet in geldnood.’

Vorig jaar voorzag de Vlaamse regering een budget van 12,7 miljoen euro, dat in de begroting werd ingeschreven bij het Vlaams Fonds voor de Lastendelging. In totaal werd in 2015 ongeveer 5,3 miljoen van het bedrag gebruikt, inclusief 4,25 miljoen van rampen die al in 2014 erkend waren. Dit jaar werd opnieuw 12,7 miljoen euro ingeschreven in de begroting. 

Hoe werkt het?

Het kabinet-Bourgeois moedigt mensen - voor wie een tegemoetkoming van het Rampenfonds mogelijk is - dan ook aan om een schadedossier te laten opmaken.

‘Wiens bezit niet gedekt is of kan worden door een brandverzekering, kan door de gemeente een schadedossier laten opmaken’, stelt Lust. ‘Het KMI en de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) bepalen via metingen of het om uitzonderlijk ernstige regenval gaat. Als dat het geval is, wordt het noodweer erkend als natuurramp en kunnen de gemeenten binnen de drie maanden de schadedossiers overmaken aan het Rampenfonds.’