‘Bam, bam, bam: 20 keer, 30 keer na elkaar’
De Promenade des Anglais is bezaaid met lijken Foto: Photo News

‘Waarom heb ik niemand geholpen? Waarom ben ik weggerend en heb ik degenen die mij nodig hadden laten liggen?’ De Nederlandse Gabriella van Rosmalen houdt een blog bij van haar huwelijksreis in Nice en vertelt hoe ze de horrornacht van dichtbij meemaakte.

‘Nice is goed voor ons. Al 4 dagen genieten we in de prachtige Franse stad van onze huwelijksreis. We eten ontelbaar veel ijsjes, kijken bewonderend naar de mooie Françaises en wandelen over de Promenade des Anglais.’

Gabriella van Rosmalen, een Nederlandse die vorige vrijdag in het huwelijksbootje stapte en daarover een blog op Urbanchicks.nl bijhoudt, vertelt hoe 14 juli veranderde in een horrornacht.

‘Het is feest in Frankrijk. Het land viert het begin met de Franse revolutie. Van Quatorze Julliet merken we niet veel. Er zijn weinig festiviteiten, maar het vuurwerk schijnt een spektakel te zijn, dus daar wachten we op. Rond half 10 zoeken we een mooi plekje op het strand en kijken we naar alle mensen die zich om ons heen verzamelen.’

De tekstschrijfster en onderwijzeres praat nog met haar man over de terreurdreiging. Al de hele week heeft het stel zwaar bewapende militairen in de stad gezien.

Gezicht naar de grond

Toch denkt de Nederlandse niet meteen aan terreur als ze een grote, witte vrachtwagen ziet aanrijden. ‘Met mijn naïeve hoofd denk ik nog dat het bier op is en dat deze truck een nieuwe lading brengt. Op 1 meter passeert hij ons en dan zien we dat het geen gewone vrachtwagen is. Hij maakt tientallen slachtoffers. Mensen gillen, rennen weg. Anderen blijven roerloos op de grond liggen, met hun gezicht naar grond.’

Gabriella van Rosmalen raakt in paniek en probeert zich achter een pilaar te verstoppen. Daarna zet ze het op een lopen. ‘Terwijl we wegrennen begint op 5 meter van ons vandaan het schieten. Bam, bam, bam. 20 keer, 30 keer na elkaar.’

Om de overkant van de straat te bereiken, loopt ze voorbij de vele slachtoffers. ‘We zien mannen, vrouwen en kinderen in zomerkleren. Ze liggen in rare hoeken en zijn niet meer te redden.’

Rennen voor hun leven

‘Ik houd de hand van mijn man stevig vast en we rennen door’, schrijft ze op haar blog. ‘Ik wil een hotel in vluchten maar mijn man schreeuwt dat we dan geen kant meer op kunnen. Later blijkt dat ook het hotel te zijn geweest waar er sprake van een gijzeling zou zijn.’

Terwijl ze rennen vraagt een Fransman die dokter is, wat er gebeurd is. Haar man vertelt wat hij zojuist heeft gezien: een grote, witte truck is door de menigte heen gereden en daarna is er geschoten. Hij zegt wel 30 tot 40 doden te hebben gezien.

In hun hotel weet het personeel nog van niets. De receptioniste begint te huilen en te bellen als het Nederlandse stel vertelt wat er is gebeurd. ‘Ik breek en huil mijn ogen uit mijn hoofd. Het besef komt in een keer keihard binnen: ik ben getuige geweest van een terroristische aanslag. Ik heb tientallen dode mensen zien liggen. Ik ben weggerend, in paniek, zonder iets te doen. Misschien had ik nog wel iemand kunnen helpen.’

Hotelkamer gebarricadeerd

Op hun hotelkamer gaat Gabriella op zoek naar nieuws. ‘Omdat er nog niets bekend is, deel ik onze er ervaringen op Twitter. Ik blijk de eerste te zijn, en al snel stromen de reacties binnen. RTL nieuws, RTL Late Night, AD, allemaal willen ze informatie hebben over wat er gebeurd is, maar ik kan het niet. Erover praten maakt het echt, en ik wil niet dat het echt is. Ik wil geen doden zien liggen in fleurige jurkjes. Ik wil geen getuige zijn geweest van iets verschrikkelijks en ik wil de pure angst niet meer voelen.’

Het pasgetrouwd koppel barricadeert de hotelkamerdeur. Na een korte nacht blijven de vragen door haar hoofd spoken. ‘Waarom heb ik niemand geholpen? Waarom ben ik weggerend en heb ik degenen die mij nodig hadden laten liggen? Ik stuit tijdens het doorspitten van het nieuws op het verslag van een getuige. Deze meneer is terug gegaan om te helpen, maar zag al snel dat hij kansloos was. De Promenade des Anglais was doodstil en lag bezaaid met lijken.’

‘Ik had niets kunnen doen, maar het schuldgevoel blijft. En de vragen ook: waarom doet iemand zoiets?’