Expert of consultant?
Tom Naegels

‘dS Avond’ schreef een artikel pro zonnepanelen, maar hoe neutraal was de expert die aan het woord kwam? Er was beter iemand anders gebeld, vindt Tom Naegels.

De e-krant dS Avond was wel erg enthousiast over de oproep van minister Bart Tommelein om in zonnepanelen te investeren. ‘Waar wacht u nog op?’ vroeg de voorpagina bij een beeld van twee installateurs op een dak (dS Avond 6 mei). ‘Een kleine investering die je snel terugverdient’, prees de titel van het artikel de aankoop verder aan. Ook de bovenkop liet er geen twijfel over bestaan: ‘Waarom iedereen zonnepanelen moet leggen.’

Precies omdat de avondkrant daardoor enigszins ging klinken als een promotionele bijlage, was ik het eens met de bezwaren van een lezer bij de keuze van de expert, die gevraagd was om de oproep van de minister te evalueren. Alex Polfliet is immers niet alleen ‘energie-expert en zaakvoerder van het groene consultancybureau Zero Emission Solutions’, zoals hij voorgesteld werd, maar ook de oprichter en ex-voorzitter van PV Vlaanderen, de koepelvereniging van de zonnepanelensector. Tussen 2011 en 2014 vertegenwoordigde hij de producenten, leveranciers en installateurs. Dat plaatst zijn wervende pleidooi voor zonne-energie – haast wervender dan dat van de minister zelf – in een heel ander daglicht.

‘Ik heb begrip voor de opmerking van de lezer’, zegt journalist Bart Van Belle, die het stuk schreef. ‘Ik wist niet dat hij die functie had gehad. We situeren hem wel duidelijk in de groene hoek.’

Er staat dat hij voor een ‘groen consultancybureau’ werkt, dat klopt, maar het gaat me niet zozeer om Polfliets ideologische profiel – in een nog voriger leven was hij kabinetsmedewerker van staatssecretaris voor Energie Olivier Deleuze (Ecolo) – maar om (minstens) een schijn van zakelijke belangenvermenging.

Verifieerbaar?

‘Het is scherp opgemerkt van de lezer, maar hij draait de zaken een beetje om’, reageert Polfliet. ‘Voor ik PV Vlaanderen oprichtte, was ik al ruim tien jaar actief in de duurzame-energiesector. Ons consultancybureau begeleidt tientallen projecten bij overheden en bedrijven, wij adviseren hen over alle vormen van hernieuwbare energie. Precies daardoor kon ik als voorzitter van PV objectiever en neutraler overkomen: wij werken immers multidisciplinair, en we verkopen zelf geen zonnepanelen. PV Vlaanderen bestaat de facto niet meer, maar ik ben meer dan ooit een vurig pleitbezorger van zonne-energie. Niet vanuit eigenbelang – mijn bedrijf leeft voornamelijk van andere technologieën – maar omdat ik geloof dat zonnepanelen op dit ogenblik simpelweg de enige optie zijn om onze hernieuwbare-energiedoelstellingen te halen. De door mij genoemde cijfers zijn perfect verifieerbaar en kunnen niet onderuitgehaald worden.’

Dat is niet helemaal waar. Een dag na dS Avond publiceerde de ochtendkrant een stuk over dezelfde kwestie, waarin opnieuw Polfliet aan het woord wordt gelaten, naast twee andere experts (’Schrik voor hogere taksen remt zonnepanelen af’, DS 7 mei). In beide artikels stelt hij dat de terugverdientijd van zonnepanelen acht jaar is voor bestaande woningen en vijf voor nieuwbouw. Maar enkel in de ochtendkrant staat daarbij dat de calculator van het Vlaams Energieagentschap op veel langere termijnen uitkomt: respectievelijk dertien en vijftien jaar. (Al zouden die naar beneden aangepast kunnen worden, het blijft dus onduidelijk.) In een opiniestuk dezelfde dag voegt onderzoeker Joannes Laveyne (UGent) een extra kanttekening toe: zonnepanelen zijn niet zo bruikbaar als er veel vraag naar elektriciteit is en de zon niet schijnt. (‘Als je moet koken, kun je de zon niet aanzetten’, DS 7 mei) En afgelopen dinsdag kwamen er nog tegenargumenten, opnieuw in een opiniestuk. Is het realistisch te verwachten dat we het huidige aantal zonnepanelen over vier jaar verdubbeld kunnen hebben, vraagt docent geschiedenis en klimaat Pieter Boussemaere zich af (‘Het is zelfs geen klucht meer’,DS 10 mei). Je kunt zeggen: als je al die stukken na elkaar leest, dan heeft De Standaard je geïnformeerd over de argumenten pro en contra. Maar dan ga je voorbij aan het feit dat die reeks begonnen is met de enthousiaste kreet: ‘Waar wacht u nog op?’

Sowieso vind ik het gek dat op hetzelfde ogenblik dat een journalist van dS Avond aan een artikel werkt over de voordelen van zonnepanelen, twee redacteurs van de ochtendkrant én de opinieredactie met hetzelfde thema bezig zijn, maar dat de eerste eindigt met een onvervalste lofzang, terwijl de twee andere veel sceptischer zijn. Is er dan geen overleg?

‘Natuurlijk wel,’ zegt Bart Dobbelaere, chef van dS Avond, ‘Maar onze deadline ligt veel vroeger. Wij springen wat verder dan de website, de ochtendkrant beent het nog meer uit. We zijn bij Polfliet uitgekomen omdat die al vaker aan het woord is gekomen over zonne-energie. Maar ik ben het met je eens dat zijn vorige functie erbij had moeten staan.’

Ik zou nog verder gaan. Ik weet dat experts tijdens hun carrière de overstap maken van een meer beschouwende, analyserende rol naar een meer commerciële, en soms terug. Ik begrijp dat ze voor zichzelf het onderscheid tussen beide kunnen maken. Expertise verdwijnt ook niet door ze voor een specifiek belang in te zetten, en mensen hoeven niet herleid te worden tot de engagementen die ze in de loop van hun leven opgenomen hebben. Maar in dit geval vind ik het te flagrant om iemand die amper twee jaar geleden nog spreekbuis van de zonne-energiesector was, vandaag als enige te laten reageren op een beleidsvoorstel dat diezelfde sector goed uitkomt. Het was beter geweest om een andere expert te vragen.

De ombudsman houdt de redactie van De Standaard wekelijks een spiegel voor. Opmerkingen over journalistiek in De Standaard kan u melden via ombudsman@standaard.be en via www.standaard.be/ombudsman, waar u ook links vindt naar zijn Facebook- en Twitterpagina (@OmbudsDS)