Extra schepenen voor gemeenten die willen fuseren

Om gemeenten een extra duwtje in de rug te geven richting fusie, belooft Vlaams minister van Binnenlands Bestuur (N-VA) hen niet alleen financiële middelen, maar ook extra schepenen om de overgang te versoepelen. Dat staat in het fusiedecreet dat de Vlaamse regering heeft goedgekeurd.

De Vlaamse regering, en vooral de N-VA, wil minder dan de huidige 308 gemeenten in Vlaanderen. De goedkeuring van het fusiedecreet is een eerste stap om een nieuwe fusiegolf in stelling te brengen.

Zo’n fusie kan alleen vrijwillig, maar de regering houdt de gemeenten wel een stevige financiële wortel voor: een schuldovername tot maximum 500 euro per inwoner en twintig miljoen euro in totaal, zo werd eind vorig jaar reeds bekendgemaakt bij het voorontwerp van het decreet.

Die financiële beloning kunnen de gemeenten gebruiken voor de extra kosten die zo’n overgang met zich meebrengt, maar de Vlaamse regering legt daar nog iets extra bovenop: extra schepenmandaten.

Volgens Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Liesbeth Homans (N-VA) is dat nodig omdat de nieuwe fusiegemeenten met extra bestuurlijke uitdagingen worden geconfronteerd.

Maximum drie extra schepenen

Concreet komt het erop neer dat de nieuwe gemeente in de eerste legislatuur na de fusie recht heeft op twee extra schepenen tegenover gemeentes met een gelijkaardig inwonersaantal. In de daaropvolgende bestuursperiode krijgt ze nog een extra schepen.

Ondermijnen die extra postjes dan net niet het stroomlijnen van de gemeentes? ‘Bij een fusie zijn er minstens twee schepencolleges en gemeenteraden die worden samengevoegd waardoor er heel veel mandaten verloren gaan, terwijl er wel een pak werk bij komt. Bovendien hebben de gemeenten vaak een andere manier van werken en kost het wat moeite om die op dezelfde lijn te krijgen’, verduidelijkt woordvoerder Jan van der Vloet.

Bij een fusie zullen er steeds een pak minder mandaten overblijven dan voordien. Bijvoorbeeld voor de Limburgse gemeenten Meeuwen-Gruitrode en Opglabbeek, die momenteel het verst staan met hun fusieplannen, zou dat betekenen dat ze na de fusie in eerste instantie met een burgemeester, twee schepenen en zeventien gemeenteraadsleden minder voortwerken.

Van der Vloet benadrukt dat de gemeenten na de tweede bestuursperiode opnieuw terugvallen op het normale aantal schepenen bepaald volgens het aantal bewoners. ‘De gemeenten zijn ook niet verplicht om extra schepenen aan te duiden.’

Bonus tot eind 2017

Gemeentes die van de bonus willen genieten, moeten voor eind 2017 beslissen of ze willen fuseren. Al kunnen ze ook na die deadline beslissen om samen te gaan. ‘De bedoeling was om de gemeenten over een mogelijk fusie te laten nadenken en daarin zijn we geslaagd: de discussie leeft’, aldus van der Vloet.

Tot nu toe hebben negentien gemeenten een grondige evaluatie door een adviesbureau aangevraagd om na te gaan wat de voordelen zijn van een verregaande samenwerking of fusie met de buurgemeenten. De laatste fusie dateert uit 1983, toen Antwerpen fuseerde met zeven randgemeenten.