Sven Mary: ‘Als ik niets mag zeggen over Abdeslam, moet de stafhouder het zelf maar komen uitleggen’
Sven Mary Foto: blg

Sven Mary, de advocaat van terreurverdachte Salah Abdeslam, hekelt het communicatieverbod dat hem werd opgelegd door zijn stafhouder. ‘Franse procureurs citeren letterlijk uit verhoren van mijn cliënt, maar ik mag geen interviews geven zonder toestemming: dat is toch totaal inconsequent.’

Wie een e-mail stuurt naar de stafhouder van Sven Mary of telefoneert om te informeren naar de zaak tegen terreurverdachte Salah Abdeslam, krijgt volgens de advocaat steeds hetzelfde antwoord: ‘No comment’. Wie naar meester Mary telefoneert, krijgt hetzelfde antwoord.

‘Sinds het communicatieverbod dat de stafhouder mij heeft opgelegd, moet ik elke keer eerst naar haar bellen vooraleer ik mag antwoorden op vragen van de pers’, zegt Mary. ‘Dat ik niets mag zeggen over mijn cliënt, Salah Abdeslam, is nu wel duidelijk. Men wil mij het zwijgen opleggen wat dat betreft.’

Dat Mary als advocaat met geen woord mag reppen over Abdeslam, maar dat de Franse media en de procureur wel letterlijke passages citeerden uit een verhoor van zijn cliënt, is bij Mary in het verkeerde keelgat geschoten. De advocaat begrijpt naar eigen zeggen dat de waardigheid van het beroep onder geen enkel beding in het gedrang mag komen, maar plaatst grote vraagtekens bij de ‘inconsequente aanpak van de stafhouder’.

Raadkamer

‘Ik zie foto’s van en interviews over wat er op het Beursplein in Brussel is gebeurd met Alexis Deswaef, de voorzitter van de Ligue des Droits de l’Homme en... advocaat. Ik vraag me af of hij ook naar de stafhouder heeft moeten bellen om daar toelating voor te krijgen.’

Dat Sven Mary niemand te woord kan staan wanneer Salah Abdeslam donderdag voor de raadkamer wordt geleid, is voor hem onaanvaardbaar. ‘Als ik dan toch niets mag zeggen over Abdeslam, dan moet mijn stafhouder het maar zelf komen oplossen. Dan moet zij de 100 journalisten die staan te wachten maar van antwoord dienen. Dan moet zij de duizenden aanvallen die ik stilzwijgend moet incasseren komen pareren. Zij moet haar verantwoordelijkheid opnemen en mij verdedigen als ik moet zwijgen. Als dat niet gebeurt, zijn we de tijd van de dictatuur nabij.’