Vandenhaute: “Ik heb de Ronde overgenomen vanuit passie, niet om geld te verdienen”
Foto: Lieven Van Assche

Hij heeft zijn eigen favoriete plekje in de Ronde. Daar waar de renners van de Nieuwe Kwaremont naar beneden komen gedoken, rechtsaf gaan langs de oude spoorbedding om even verderop rechts de Oude Kwaremont op te gaan. “Daar, in die laatste bocht”, zegt Wouter Vandenhaute. “Dat is mijn moment. Daar kan ik de renners in volle finale recht in het gezicht te kijken.” Laat de buitenwereld maar denken dat de baas van Flanders Classics – en dus van de Ronde – een gehaaid zakenman is. Als straks zijn eeuweling door Vlaanderen raast, zijn cijfers of centen het laatste waaraan hij zal denken. Zegt hijzelf: “Ik ben hier ingestapt uit passie voor de koers.”

Heeft de overname van de Ronde zeven jaar geleden ook zakelijk gebracht wat u ervan hoopte?

“Vooreerst, ik heb de Ronde overgenomen vanuit passie, niet om er geld aan te verdienen. Maar ja, ik ben tevreden. Vandaag heeft Flanders Classics meer middelen dan zeven jaar geleden, de wedstrijden stáán er en vooral: we zitten internationaal toch maar mee aan tafel. Mét Toureigenaar ASO, dat twintig keer machtiger is. Mét Girobaas RCS, dat tien keer machtiger is. Daar zijn wij als kleine speler bij. En niet om de grote omzetten die wij realiseren, maar wel om onze ideeën. Op onze manier hebben we de lat voor het hele wielrennen veel hoger gelegd. Met een enorme dynamiek in Vlaanderen tot gevolg. Iedereen vraagt mij vandaag wat ik van het initiatief van Nick Nuyens (bundeling van tien kleinere wedstrijden in de Napoleon Games Cycling Cup, nvdr.) vind. Wel, ik vind dat goed. Het bewijst dat als er visie aan de top van de piramide is, er automatisch ook onderaan iets beweegt. Daarom: Proficiat, Nick, doe zo voort.”

Misschien een rare vergelijking: een festival als Tomorrowland had vier jaar geleden al een omzet van 24 miljoen euro, Flanders Classics heeft een jaaromzet van 6,5 miljoen euro, en daar is de Ronde van Vlaanderen dan nog maar een deeltje van.

“Het wielrennen ís vandaag een arme sport. ASO is zowat de enige organisatie die serieuze winsten maakt en de meeste ploegen leven in onzekerheid. Er is gewoon geen economisch model. Terwijl de sport alles heeft om de stap naar de 21ste eeuw te zetten, en dan zouden er ook meer middelen komen. Maar als je in het wielrennen nog maar spreekt van een businessmodel, dan ben je een gehaaide zakenman, wil je alleen maar geld verdienen en denken ze dat je de sport kapot wil maken. Terwijl die jongens van Tomorrowland op alle banken applaus krijgen omdat het zo’n smart guys zijn. Dat is net zo jammer.”

Ik herinner mij dat u dat tien jaar geleden ook al aanklaagde.

“Klopt, maar het is actueler dan ooit. En dit keer ben ik ook optimistisch. Ik merk dat de geesten aan het rijpen zijn.”

U bedoelt?

“De baseline van modern wielrennen zou moeten zijn: The Best Riders in the Best Races. De beste renners moeten in de mooiste wedstrijden tegen mekaar uitkomen. Punt. Eigenlijk wil ik op een moderne manier terug naar de tijd van Merckx. Hoe groot de Ronde van Vlaanderen vandaag ook is, ik vind het uitermate betreurenswaardig dat een hoop grote renners er vandaag zelfs niet aan denkt om aan de start te komen. Waarom zou Froome de Ronde niet kunnen rijden? Of Nibali? Contador? Want ze kunnen het best. Zie Nibali twee jaar geleden in de Tour in de rit over de kasseien: dan lukt het plots wel. Maar vandaag is Merckx de laatste Tourwinnaar die de Ronde heeft gewonnen en Armstrong de laatste uittredende winnaar die hem überhaupt gereden heeft. Ik vind dat bijzonder jammer. Omdat het zo’n grote toegevoegde waarde zou hebben. Ik zie nog altijd het beeld van Armstrong die op kop rijdt op de Berendries. Dat sprak aan. De belangrijkste renner ter wereld die de Ronde reed.”