‘Ik heb verschrikkelijke dingen gezien, dingen die me zullen bijblijven’

Het CD&V-hoofdkwartier ligt vlak aan metrostation Maalbeek.afp

Foto: AFP

Plots zat CD&V midden in de aanslag. Het partijsecretariaat ligt vlak bij de getroffen metrostations.

‘Mama, mag ik nu mijn ogen opendoen’, vraagt een jongetje vanmorgen in een zaal van het CD&V-partijsecretariaat, vlak boven het metrostation Maalbeek. ‘Dat jongetje kwam hier kort na de aanslagen binnen in de armen van zijn moeder’, zegt CD&V-medewerker Orry Van De Wauwer. ‘Ze zat helemaal onder het stof. Ze was hevig aan het bloeden. Hij was gelukkig ongedeerd. We hebben ze afgezonderd. En toen vroeg hij dus: “Mama, mag ik nu mijn ogen opendoen?” Geen idee waarom zijn mama hem gevraagd had ze te sluiten. Was het vanwege het stof? Of wilde ze hem de beelden besparen?’

Dit waren oorlogstaferelen

De beelden waren verschrikkelijk, zegt Orry Van De Wauwer. ‘Oorlogstaferelen’, noemt hij het. ‘Ik zag een man wiens haar was weggebrand. Een stuk van zijn gezicht was ook verschroeid. Veel mensen waren bebloed. Enkele mensen wilden we bij ons binnenbrengen, op het partijsecretariaat, om ze de eerste verzorging toe te dienen, maar we konden ze niet meer transporteren.’

Orry Van De Wauwer was samen met zijn collega Tom Schiettecat en een dertigtal andere collega’s in het CD&V-hoofdkwartier toen iets over negen in de metro van Maalbeek de bom ontplofte die vele dodelijke slachtoffers maakte. De radio stond op - vanwege de aanslag op Zaventem. Iedereen probeerde via sociale media te volgen wat er gaande was.

‘Plots was er een enorme knal te horen’, zegt Tom Schiettecat. ‘Het hele gebouw trilde. Ik zat op de vijfde verdieping. Het moet een hevige explosie zijn geweest. We liepen allemaal naar de ramen die uitkijken op de Wetstraat. We zagen rook uit de metro komen. Mensen die naar buiten liepen. De vuilnisbak voor het gebouw was weggeblazen.’

Het knijpt de keel dicht

‘Ik dacht – vanwege Zaventem – meteen aan een aanslag’, zegt Orry Van De Wauwer. Hij heeft meteen de reflex om het op Twitter te zetten. ‘Trillingen onder kantoor Wetstraat 89, bebloede mensen komen uit #metro #aanslag’, tikt hij, om 9. 15 uur. Het is een van de eerste tweets over de aanslag –hij wordt in een mum van tijd meer dan 500 keer geretweet.

‘Drie, vier collega’s vertelden me intussen dat ze na het lezen van die tweet uit de metro stapten’, zegt Van De Wauwer. Het is het eerste wat hem en zijn collega’s de keel dichtknijpt. Dit is het station waar alle collega’s die met het openbaar vervoer naar het werk komen, rond dit uur uitstappen.

‘We zijn meteen beginnen rond te bellen om te zien of iedereen oké was’, zegt Tom Schiettecat. ‘Maar we botsten op veel antwoordapparaten – het netwerk lag plat. Het heeft toch een halfuur geduurd voor we wisten dat iedereen – gelukkig – ongedeerd was. Een paar collega’s zaten in de metro – die hebben de luchtverplaatsing van de explosie gevoeld.’

‘Een collega – een jonge vader – was met zijn vrouw aan het bellen en wandelde daarom naar het werk’, zegt Orry Van De Wauwer. ‘Gelukkig nam hij vandaag de metro niet.’

Gelukkig was er recent een evacuatieoefening

Terwijl een aantal CD&V-medewerkers probeert te achterhalen of hun collega’s ongedeerd zijn, beginnen Schiettecat en Van De Wauwer de evacuatie te organiseren. Ze hebben recent nog een oefening gehad, ze weten hoe het moet.

Als ze iedereen beneden verzameld hebben, vragen ze wie er iets kent van EHBO. Op de gelijkvloerse verdieping van het gebouw, in het cafetaria, worden gewonden binnengebracht. ‘Ik schat dat het er een dertigtal waren’, zegt Schiettecat. ‘Veel mensen met zware brandwonden. We hebben onmiddellijk alles wat we voorhanden hadden verzameld. Verband, kompressen, koud water. We hebben een aantal mensen ook onder de douche gezet omdat het zo erg was.’

‘De slachtoffers die geïmmobiliseerd waren op het trottoir, werden geholpen door omstanders. Ook door mensen uit de nabijgelegen gebouwen. Die kwamen aanlopen met dekens en water. De politie en het leger waren vrij snel ter plaatse. Daarna was het wachten op de medische teams.’

‘Dit gaat me altijd bijblijven’

‘Ik heb verschrikkelijke dingen gezien. Dingen die me, vrees ik, zullen bijblijven. Heel veel mensen met heel zware brandwonden. Mensen die heel zwaar toegetakeld waren. Mensen die, vrees ik, levenloos op het trottoir lagen, tegen ons gebouw. Verschrikkelijke beelden. De geur ook van verbrande huid. Zeer indringend. Het waren allemaal mensen onderweg naar hun werk. Gewone mensen.’

Wouter Beke helpt waar kan

Na de aankomst van de medische teams, werd het partijhoofdkwartier geëvacueerd. Uit angst voor nog meer onheil, een nieuwe ontploffing. De CD&V-medewerkers werden te voet naar de fractielokalen van de partij in het Vlaams Parlement geleid, een kleine kilometer verderop. Ze staan er ontzet naar het journaal te kijken. Er wordt gehuild, gepraat en gezwegen, veel gezwegen. Voorzitter Wouter Beke probeert psychologische bijstand te regelen.

‘Velen zijn heel sterk onder de indruk omdat ze de eerste zorgen hebben toegediend’, zegt hij. ‘Ze wisten niet goed wat er aan het gebeuren was toen het gebeurde. Maar nu ze de beelden zien op tv, begint het echt tot ze door te dringen.’