Perth, de meest geïsoleerde metropool ter wereld
De skyline van Perth Foto: Dieter Moeyaert

Na Sydney, Brisbane en Melbourne is Perth met ruim een miljoen inwoners de vierde grootste stad van Australië, weliswaar gescheiden van deze andere grootsteden door een heel continent. Dieter Moeyaert ging op verkenning in wat volgens hem de meest geïsoleerde metropool ter wereld is.

De lange, lange, lánge westkust was zo in mijn kleren gekropen (ik had het natuurlijk allemaal aan mezelf te danken, want ik had veel te weinig tijd uitgetrokken voor een veel te grote afstand) dat de skyline van Perth zich als een sight for sore eyes aandiende. Je jakkert voort in de gigantische periferie van de stad (het duurt een uur voor je met de auto van west naar oost geraakt, en hier wonen twee miljoen mensen) tot je plots een bocht neemt en deze metropool zich in al zijn glorie voor je uitstrekt.

Hoewel ik van de zee houd, ben ik een echte stadsmus, dus Perths wolkenkrabbers en twinkelende lichtjes waren een streling voor het oog. Bovendien zou ik hier twee oude vrienden terugzien: David, die aan een doctoraat werkt aan de University of Western Australia, en Bart, die hier gestationeerd is als kustbouwingenieur. Gewoon een pintje drinken met mensen die dezelfde taal spreken als jij, dat had ik gemist.

Perth ligt op ruim 5.000 kilometer van Brisbane en 4.000 kilometer van Sydney. In vogelvlucht ligt de stad dichter bij Jakarta, de hoofdstad van Indonesië, dan bij Canberra, de hoofdstad van het land waar het zelf deel van uitmaakt. Het is een wat slaperige metropool, met lijzige bewoners die rijk geworden zijn dankzij de vele grondstoffen die de West-Australische bodem aan ze schonk, en ze zijn niet zo heel erg geïnteresseerd in wat er in de rest van de wereld gebeurt. Ze gaan liever op reis in Bali – voor Perthians een spotgoedkope weekendtrip – dan in de rest van hun prachtige land. Maar je kunt het ze niet kwalijk nemen. Het zijn goeie mensen.

Kings Park

In eigen stad kunnen ze ook op vakantie gaan, zo mooi is het er wel. David troonde me meteen na mijn aankomst mee naar Kings Park, wat na Central Park in New York en de Botanical Garden in Sydney het prachtigste park ter wereld moet zijn: uitgestrekte, perfect gemanicuurde grasperken en botanische tuintjes met kleurrijke, exotische bloemen wisselen elkaar af, er is een paviljoen waar je koffie kunt drinken met uitzicht over het park, en overal zie je mensen joggen - de nationale sport van Australië.

Het State War Memorial is de perfecte plek om de skyline te bewonderen. Na zonsondergang kwam ik er geregeld terug, om foto’s te nemen. (Een andere goeie plaats voor foto’s is de South Perth Esplanade, langs de Swan River, aan de overkant van het Central Business District.)

Nachtvlinders

Bart troonde me mee naar The Stables Bar in de zakenwijk. Dit waren vroeger paardenstallen, maar de nieuwe eigenaar plaatste er een stijlvolle bar in, waar Perths kantoormensen – en dat zijn er heel wat – na het werk een glas komen drinken. Het was al een lange tijd geleden dat ik nog eens een biertje had gedronken, dus de alcohol steeg meteen naar mijn hoofd. Intussen was David er ook bij komen zitten, ik raakte aan de praat met Barts collega’s, de rondjes volgden elkaar op, het werd later en later...

En plots was het tien uur ‘s morgens. Ik lag - nog volledig gekleed - op mijn bed in mijn hostel, en kon ik me niet meer herinneren hoe ik terug was geraakt. ‘Je camera!’, flitste er plots door mijn hoofd. Ik was op slag klaarwakker. Half in paniek haalde ik mijn bed overhoop, maar toen ik mijn kastje opende, stond hij daar mooi te blinken. Ik ken mijn prioriteiten.

Cappuccino Strip

Na mijn - niet onopgemerkte - passage doorheen het central business district, verkaste ik naar Fremantle, een kunstzinnig kustdorpje op twintig kilometer van Perth, waar de voorvaders van de stad in 1829 aan land kwamen.

Fremantle is in de eerste plaats gekend voor zijn beruchte gevangenis (gaol in het Australisch, spreek uit als het Engelse jail), maar het heeft ook een charmante markt, een heuse Cappuccino Strip waar je ongelófelijk lekkere koffie kan drinken, en een hele resem kunstgalerijen. Er hangt een gemoedelijke, gecultiveerde sfeer - en dat kom je niet vaak tegen in Australië. Het zal wel aan de Fremantle Doctor liggen, de bries die koelte brengt vanuit de zee.

Flitsende sportwagens

Tot slot passeerde ik nog eens langs Cottesloe Beach, één van Perths mooiste stranden. In het Cottesloe Beach Hotel, een pareltje van art deco, heeft Queen Elizabeth nog geslapen, toen ze in 1967 Perth bezocht.

Mijn mond viel open van de prachtige woningen in het mondaine Cottesloe: gigantische paleizen, vaak met peperdure moderne kunst in de voortuin, en een flitsende sportwagen voor de garage. Mensen houden er zich onledig met golfen, surfen en koffie drinken. Geen slechte manier om je leven door te brengen.