Voormalig VN-secretaris-generaal Boutros Boutros-Ghali overleden
Foto: WFA PETER DE JONG

Boutros Boutros-Ghali, voormalig secretaris-generaal van de Verenigde Naties, is overleden. Hij werd 93 jaar.

Boutros Boutros-Ghali was secretaris-generaal van de Verenigde Naties (VN) van 1992 tot 1996. Als Egyptenaar was hij de eerste Arabier om de post te bekleden. 

Boutros-Ghali was eveneens de eerste secretaris-generaal van de VN die geen tweede ambtstermijn mocht aanvatten. De Verenigde Staten spraken daar in 1996 hun veto tegen uit. Ze verweten Boutros-Ghali bureaucratie en verspilling, en namen hem kwalijk dat hij er niet in geslaagd was om het financieringssysteem van de VN te hervormen. De Ghanees Kofi Annan volgde hem op.

Na zijn vertrek bij de VN trad Boutros-Ghali aan als eerste secretaris-generaal van de Francophonie, een groep van Franssprekende landen waaronder Canada en Frankrijk.

Controverse

Tijdens zijn ambtstermijn had hij te maken met conflicten in Rwanda, Somalië, Angola en voormalig Joegoslavië: gebeurtenissen waarin de rol van de VN niet onbesproken bleef en aanleiding was van heel wat controverse. Het voornaamste verwijt betrof haar 'te passieve houding'.

Tijdens de Rwandese genocide, die vredesgezanten van de VN niet konden voorkomen, vielen meer dan 800.000 doden. De hele internationale gemeenschap werd achteraf beschuldigd van lijdzaam toekijken zonder actie te ondernemen.

Ook tijdens de burgeroorlog in voormalig Joegoslavië waren VN-troepen niet in staat om wreedheden te voorkomen, zoals de brutale dood van 8.000 Bosnische moslims in Srebrenica in 1995. Beide gebeurtenissen blijven tot op vandaag een smet op Boutros-Ghali's blazoen.

Camp David

Boutros Boutros-Ghali promoveerde in 1946 in de rechten aan de Universiteit van Caïro en in 1949 in het internationaal recht aan de Universiteit van Parijs. Van 1974 tot 1977 was hij lid van het Centraal Comité en het Uitvoerende Comité (politbureau) van de Arabische Socialistische Unie (ASU). In 1977 werd hij minister van Buitenlandse Zaken onder president Anwar al-Sadat.

Datzelfde jaar nog speelde hij een belangrijke rol in de vredesonderhandelingen tussen Sadat en de Israëlische premier Menachem Begin. Die zouden uitmonden in het Camp David-akkoord, het eerste vredesakkoord tussen Israël en een Arabische buurstaat.

Boutros-Ghali bleef ook in de regering van Hosni Mubarak actief, maar wel als onder-minister van Buitenlandse Zaken, omdat een christen in die jaren geen minister kon zijn.

In 1992 trad hij aan als zesde secretaris-generaal van de Verenigde Naties, in opvolging van de Peruaan Perez de Cuellar. In datzelfde jaar beschreef hij in 'Een Agenda voor de Vrede' hoe de VN volgens hem gewapende conflicten moet aanpakken en oplossen.

Politiek bloed

Boutros-Ghali werd in 1922 geboren in een Koptische (christelijke) familie in Caïro, die politiek bloed in de aderen had. Grootvader Boutros Ghali Pasha was premier van Egypte van 1908 tot 1910, toen hij werd vermoord. Boutros-Ghali's vader, Yusuf Boutros-Ghali, was Egyptisch minister van Financiën.

 

Boutros-Ghali blikt terug op zijn carrière als VN-secretaris-generaal.