Wie een totale heupprothese krijgt, heeft in sommige ziekenhuizen twee tot drie keer meer kans dat er nog een tweede heupoperatie zal volgen. Dat blijkt uit CM-cijfers.

Een totale heupprothese is een veel voorkomende ingreep, zowat alle Belgische ziekenhuizen voeren hem uit. In 2013 kregen bijna 20.500 patiënten een nieuwe heup, die meestal meer dan vijftien jaar meegaat. Maar soms loopt het ook fout. In dat geval dringt een nieuwe operatie (een revisie) zich op.

CM publiceert nu voor het eerst de cijfers van Belgische ziekenhuizen. De resultaten zijn opvallend. Wie een nieuwe heup krijgt, heeft gemiddeld bijna 95 procent kans dat die het tien jaar zal uithouden. Internationaal gezien zijn dat goede cijfers, maar de kans op revisie blijkt wel sterk uiteen te lopen van ziekenhuis tot ziekenhuis.

Grote kwaliteitsverschillen

‘De kwaliteit van de ingrepen is in ons land over het algemeen goed, maar er zijn verschillen tussen de ziekenhuizen onderling’, zegt CM-voorzitter Luc Van Gorp. ‘Door open te communiceren over de resultaten, willen wij er de ziekenhuizen toe aanzetten om de algemene kwaliteit naar een nog hoger niveau te tillen’.

Zelfs na correcties voor leeftijd en geslacht scoren sommige ziekenhuizen een stuk beter en andere slechter dan gemiddeld. Zo heb je als patiënt in het Universitair Ziekenhuis van Mont-Godinne bijna drie keer meer kans op een revisie (binnen de tien jaar). In Vlaanderen scoort het Sint-Vincentiusziekenhuis in Deinze het slechtst met een bijna twee keer zo hoge kans. In het OLV van Lourdesziekenhuis in Waregem loop je dan weer bijna drie keer minder risico dat je heup snel aan vervanging toe is.

Andere indicatoren wijzen ook op een verschil in kwaliteit. Zo is er bij gemiddeld 17 procent van de ingrepen een bloedtransfusie nodig. Maar het AZ Glorieux in Ronse klopt af op 56 procent. De verblijfsduur in het ziekenhuis voor een totale heupprothese bedraagt 7 dagen, maar loopt opnieuw van ziekenhuis tot ziekenhuis uiteen van 5 tot zelfs 24 dagen. De kans om na de operatie op intensieve zorg te belanden is gemiddeld 8 procent, maar in het ziekenhuis van Veurne is dat 82 procent.

Het variërende prijskaartje van een ziekenhuiskamer zou dan weer geen verband houden met de kwaliteit van de zorgverlening.

Actieplan

Voor een veel voorkomende ingreep als een totale heupprothese, zouden patiënten zich niet mogen afvragen in welk ziekenhuis ze het best terecht kunnen, zegt CM.

‘Alle ziekenhuizen moeten kwaliteit leveren. Wij hopen dat onze gegevens de ziekenhuizen en zorgverleners ertoe aanzetten om te blijven investeren in die kwaliteit. Als hun resultaten vandaag minder zijn, dan hopen we dat onze gegevens een hefboom zijn om een actieplan te ontwikkelen naar betere resultaten’, aldus Van Gorp.