Toen de ernst van de situatie in Parijs duidelijk werd, verscheen president François Hollande, die zich tijdens de aanslagen in het Stade de France bevond en daar ook werd geëvacueerd, op televisie.

‘Ik neem meteen enkele beslissingen’, zei een zichtbaar aangeslagen president. ‘In de eerste plaats kondig ik samen met de ministerraad, die dadelijk samenkomt, de noodtoestand af in heel het land. Zo kunnen we bepaalde plaatsen afsluiten en mensen beschermen. Verder gaan alle grenzen van het land dicht. Zodat we gerichter kunnen zoeken naar de verantwoordelijken.’

Hollande maakte ook bekend dat het leger zich in Parijs zal ontplooien om de bevolking te beschermen. De burgemeester van Parijs, Anne Hidalgo, had eerder op de avond al alle inwoners en bezoekers van de stad opgedragen om tot nader order binnen te blijven. Hollande liet er weinig twijfel over bestaan dat het hier om terrorisme gaat. ‘Eens te meer worden we geviseerd. Deze terroristen willen angst verspreiden. We moeten nu als land groot en sterk zijn. Dat moeten we ook doen voor de nabestaanden en de gewonden.’