Als dronkaard in de krant
Tom Naegels

Mag je bij een stuk over problematisch alcoholgebruik bij studenten een herkenbare foto plaatsen van studenten die alcohol gebruiken? Tuurlijk, vond Tom Naegels eerst, tot hij de kwestie van naderbij bekeek.

Niemand staat graag als dronkaard in de krant. Het viel dus te verwachten dat er protest zou rijzen tegen de reportage over ‘de centrale rol van alcohol in de studentencultuur’ (‘Wij zijn oud genoeg om onze eigen grenzen te trekken’, DS 5 oktober ). Dat werd geïllustreerd met twee foto’s van studenten die een fles achterovergieten. Hun vaders waren daar niet over te spreken: er was geen toestemming gevraagd om die beelden te publiceren, en nu leek het alsof hun kinderen een alcoholprobleem hadden, terwijl ze gewoon uit de bol gingen op een feestje.

Aanvankelijk was ik niet zo gevoelig voor hun argumenten. Ik heb al vaker geschreven over dit soort ‘algemene beelden’ – foto’s die geen specifieke gebeurtenis tonen, maar een abstracter concept moeten illustreren, zoals ‘nog steeds discriminatie in uitzendsector’ of ‘bejaarden kijken ook Netflix’. Toen heb ik telkens geschreven dat het niet kan om daarvoor foto’s te gebruiken waar mensen herkenbaar op staan. Maar in al die gevallen ging het om archiefbeelden, die oorspronkelijk voor een ander verhaal gemaakt werden en dus uit de context gehaald waren. Bijvoorbeeld: een foto van een groepje kinderen dat gewoon staat aan te schuiven in een schoolrefter, wordt opnieuw gepubliceerd in de context van ‘armoede op school’ (DS 4 oktober 2013) . Of, recenter en grappiger: een overduidelijk níét-linkse Vlaams-nationalist (gefotografeerd op de IJzerwake, met een enorme leeuwenvlag en een exemplaar van ’t Pallieterke in de hand), bij een artikel over ‘links en Vlaams? Noem het Vlinks’ (dS Avond 8 september) .

Echte mensen

De foto’s van de drinkende studenten waren niet uit de context gehaald. Ze waren speciaal voor deze reportage genomen, op het Studentenwelkom van de KU Leuven, de aftrap van het academiejaar op het Ladeuzeplein. De studenten zijn aan het doen wat de reportage over hen vertelt: ze drinken (zeer) gulzig alcohol. Tijdens die eerdere discussies was ik gevoelig geworden voor het argument van de fotoredactie: dat het moeilijk werken wordt als je nooit foto’s van echte mensen mag gebruiken. Het moet toch nog mogelijk zijn, zo redeneerde ik dus, om een stuk over drinkende studenten te illustreren met foto’s van drinkende studenten?

Er was weliswaar geen toestemming gevraagd – dat vertelt fotograaf Sebastian Steveniers me als ik hem dat vraag. ‘Er was veel volk op dat feest. Ik kon niet aan iedereen uitleggen wie ik was en waarom ik hen fotografeerde. Maar er waren veel fotografen en cameraploegen aanwezig. Ze wisten dus wel dat ze in de pers kwamen.’

Nu is toestemming, deontologisch gesproken, niet altijd vereist, vertelt Pieter Knapen, de ombudsman van de Vlaamse Raad voor de Journalistiek (die niet over dit specifieke geval mag oordelen en dus enkel de algemene principes uitlegt). ‘Onze code gebruikt de term “toestemming” niet. Voor ons is het kernbegrip “loyaal”. De journalist gebruikt loyale methodes om informatie, foto’s, beelden en documenten te verkrijgen of te verwerken. Dat gaat dus zowel over het nemen van de foto’s – je mag niet iemand van achter een haag stiekem fotograferen, bijvoorbeeld – als over het publiceren ervan: ze mogen niet uit de context worden gehaald. In sommige gevallen is het loyaal om toestemming te vragen, maar het hoeft niet als je bijvoorbeeld foto’s van betogers in de krant wil zetten, bij een artikel over die betoging.’

Offline gehaald

Juridisch moet het wel. Toon van den Meijdenberg, redactiemanager van ­Mediahuis: ‘Iedereen beschikt over het recht op afbeelding. Het nemen van een foto en het gebruik ervan is dus onderworpen aan de toestemming van de betrokken persoon. Al is het in veel gevallen voor de fotograaf niet evident om die vraag telkens expliciet te stellen.’ Om die reden zijn de foto’s van de studenten, na de verzoeken van hun vaders, offline gehaald.

Maar ook deontologisch zijn er bezwaren, besefte ik nadat ik de kwestie wat langer overwogen had. Oorspronkelijk meende ik dat deze foto’s niet uit de context gehaald waren: alcohol, alcohol, match. Bovendien bevonden de studenten zich, net als de betogers uit het voorbeeld van Pieter Knapen, op een publiek toegankelijke plaats, waar de pers expliciet was uitgenodigd. Niettemin: wie wordt gefotografeerd op het Studentenwelkom van de KU Leuven gaat er wellicht vanuit dat die foto’s zullen verschijnen bij een artikel over de start van het academiejaar – maar niet bij een over problematisch drinken. Dat ze impliciet toestemming geven, geldt hier dus niet. Bovendien worden de studenten op de foto’s – hoewel ze niet bij naam genoemd worden en er over hen individueel ook niets wordt beweerd – in verband gebracht met alcoholisme. Terwijl het best mogelijk is dat ze die avond voor het eerst en het laatst een fles wodka soldaat hebben gemaakt.

Om die redenen had de krant toch beter gekozen voor beelden waarop niemand herkenbaar was.

INFO

De ombudsman houdt de redactie van De Standaard wekelijks een spiegel voor. Opmerkingen over journalistiek in De Standaard kan u melden via ombudsman@standaard.be en via www.standaard.be/ombudsman, waar u ook links vindt naar zijn Facebook- en Twitterpagina (@OmbudsDS)