Helft Libische bevolking getroffen door gewapende conflicten
Foto: EPA

Nagenoeg de helft van de Libische bevolking heeft te lijden onder de gewapende conflicten die in het land heersen en heeft nood aan humanitaire bijstand. Dat blijkt uit een vrijdag gepubliceerd rapport van het VN-bureau voor de coördinatie van humanitaire aangelegenheden.

Libië telt ruim zes miljoen inwoners. Meer dan drie miljoen van hen wordt getroffen door de gewapende conflicten en de politieke instabiliteit; een kleine 2,5 miljoen Libiërs heeft bescherming en humanitaire hulp nodig, stelt het rapport.

Steden die als conflictzones gelden zijn onder andere Benghazi, Tripoli, Misrata, Syrte, Sebha en Derna. Veel van die steden zitten propvol vluchtelingen en asielzoekers.

Sinds een jaar wordt Libië verscheurd door een conflict tussen twee rivaliserende ‘overheden’, beide met een eigen regering en parlement. De internationaal erkende regering zit in de uithoek Tobroek en is nagenoeg machteloos, de rivaliserende, islamitische regering zetelt in de hoofdstad Tripoli. Pogingen om een regering van nationale eenheid te vormen, zijn tot dusver alle mislukt. Behalve die twee regeringen telt het land nog een resem ‘onafhankelijke’ milities.

Sinds de zomer van 2014 zijn 435.000 mensen hun woning moeten ontvluchten en 100.000 leven in kampen onder de blote hemel. Het rapport maakt voorts melding van grove mensenrechtenschendingen en schendingen van de internationale wetgeving door alle betrokken partijen. Onder Kadhafi was het voor emigranten nagenoeg onmogelijk om via Libië de overtocht naar Europa te wagen, nu geldt het Noord-Afrikaanse land als transitland per uitstek.