Derde dag van Russische bombardementen in Syrië
Foto: REUTERS

Russische oorlogsvliegtuigen hebben voor de derde opeenvolgende dag stellingen in Syrië van de terreurbeweging Islamitische Staat (ISIS) gebombardeerd. Volgens het Syrische staatspersagentschap SANA voerden Russische jets samen met regeringsvliegtuigen luchtaanvallen uit tegen ISIS-doelwitten in de provincies Aleppo (noorden), Hama (centrum) en Idlib (noordwesten). Bevelcentra en wapenopslagplaatsen van de splintergroep van al Qaeda werden vernield, aldus het agentschap. Cijfers over slachtoffers gaf het niet.

Voor het eerst viseerden de Russen ook ISIS in de oostelijke provincie al-Raqqa. Bij die bombardementen kwamen, althans volgens de vanuit Londen opererende anti-Assadsite Sohr, twaalf jihadisten om. Steeds volgens die site vielen Russische jets ook stellingen van het al Qaedafiliaal Jabhat al-Nusra aan in Idlib en in de stad Qaryatain in de centraal-Syrische provincie Homs. Die stad, vooral bewoond door christenen, werd in augustus door IS veroverd op regeringstroepen.

De Russische bombardementen zijn volgens waarnemers de voorbode van een grootschalig grondoffensief van de Syrische regeringstroepern, bijgestaan door milities van Hezbollah en Iraanse Revolutionare Wachters. In het Westen wordt het Russische optreden bekritiseerd omdat niet alleen de terroristen, maar volgens de Westerse landen ook (door het Westen en de Golfmonarchieën gesteunde en dus) gematigde jihadisten worden geviseerd.