Meer dan helft van jongeren belt nooit met gsm
Foto: Photo News

Jongeren lijken wel vergroeid met hun gsm. Toch gebruiken ze hun mobieltje vooral om berichtjes te sturen en te snapchatten - bellen is niet zo populair. Dat blijkt uit een onderzoek van de federale overheidsdienst Volksgezondheid en jongerentijdschrift Joepie. Omdat jongeren langer dan de huidige volwassenen zullen blootgesteld worden aan de kankerverwekkende radiogolven, geeft de FOD Volksgezondheid hen ook tips mee.

De FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en Joepie hebben in augustus een enquête uitgevoerd over het gsm-gebruik bij jongeren. Bellen tieners vaak met hun gsm, en hoe lang? Sturen ze voornamelijk sms-en en snapchats? Of zitten ze urenlang op Facebook en andere sociale netwerken? 10.000 Joepie-lezers hebben de vragenlijst ingevuld.

En wat blijkt? Jongeren geven de voorkeur aan berichtjes sturen boven bellen: 65 procent belt bijna nooit met zijn/haar gsm, en 61 procent belt liefst zo kort mogelijk. Berichtjes sturen en snapchatten zijn populair. Toch zijn er nog 21 procent die toegeven ‘uren’ met de gsm te bellen, terwijl slechts 25 procent van de lezers ook wel eens oortjes gebruikt om te bellen.

Tips tegen kankerverwekkende radiogolven

De FOD Volksgezondheid wil jongeren aanraden om hun gsm verstandig te gebruiken, omdat hun totale blootstelling aan gsm-straling langer zal zijn dan die van de huidige volwassenen. Jongeren hebben immers op steeds vroegere leeftijd hun eigen gsm. Het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC) van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft radiogolven geklasseerd als ‘mogelijk kankerverwekkend’. Daarom hanteert Volksgezondheid het voorzorgsprincipe en geeft de dienst enkele tips om de gsm verstandig te gebruiken:

- Beperk je beltijd

- Gebruik oortjes om te bellen

- Stuur berichtjes in plaats van te bellen

- Bel liefst op plaatsen met een goede ontvangst

- Koop een gsm met een lage SAT-waarde - een waarde die aangeeft hoeveel straling een gebruiker absorbeert.