Syrië heeft een van bloedigste maanden in twee jaar achter de rug
Foto: Lefteris Pitarakis/ap

Hevige bombardementen op Oost-Ghouta, bij de Syrische hoofdstad Damascus, hebben in augustus tot een ongeziene toevloed van gewonden geleid. Dat meldt Artsen Zonder Grenzen vrijdag. 'Dit is een van de bloedigste maanden sinds de chemische aanval van augustus 2013', zegt Bart Janssens, directeur Operaties bij AZG, in een persmededeling van de organisatie.

Dertien door AZG gesteunde noodhospitalen in Oost-Ghouta rapporteren dat ze tussen 12 en 31 augustus vrijwel voortdurend overstelpt werden met oorlogsgewonden. Gedurende twintig opeenvolgende dagen werden in deze belegerde zone dagelijks minstens 150 patiënten met oorlogsverwondingen behandeld, onder wie heel wat kinderen.

'We hebben weet van 400 amputaties die in augustus in Oost-Ghouta werden uitgevoerd', aldus Janssens. 'Heel wat ledematen hadden kunnen worden gered als de medische zorg in de belegerde zones niet zo bemoeilijkt was.'

Artsen Zonder Grenzen beheert zes medische voorzieningen in het noorden van Syrië en ondersteunt vanop afstand meer dan honderd veldhospitalen in het hele land.

De ngo meldt nog dat de belegeringen rond Damascus opgedreven en uitgebreid werden. Drie nieuwe gebieden ten noorden van Damascus (Al-Tall, Al-Hameh en Qudsaya) 'met minstens 600.000 inwoners zijn sinds 22 juli in staat van beleg'. Dit betekent volgens AZG dat er geen medische goederen, voedsel, brandstof of andere basisbenodigdheden binnengebracht mogen worden. In sommige zones zijn medische evacuaties uitgesloten, 'zelfs voor patiënten die dringend technisch geavanceerde, levensreddende medische hulp nodig hebben'.

(belga)