Zit de werkdag erop? Tijd voor een microavontuur
Foto: Alastair Humphreys
Opstaan, werken, eten, een beetje ontspannen en slapen. En dat een keer of vijf per week. Voor veel mensen is dat de dagelijkse realiteit. Dat patroon is makkelijker te doorbreken dan je denkt. Door een microavontuur te ondernemen bijvoorbeeld.

De Britse avonturier Alastair Humphreys heeft al heel wat watertjes doorzwommen. Soms letterlijk, door met een roeiboot de Atlantische Oceaan over te steken, maar evenzeer door vier jaar lang met de fiets de hele wereld rond te trekken. Maar het is pas met zijn microavonturen dat hij zichzelf als avonturier op de kaart heeft gezet - het leverde hem in 2012 zelfs de prestigieuze titel van National Geographic Adventurer of the Year op.

Vanwaar het idee van een microavontuur? Omdat Humphreys gaandeweg is beginnen beseffen dat grote avonturen niet voor iedereen weggelegd zijn, en dat het ook dicht bij huis mogelijk is om nieuwe en inspirerende ervaringen op te doen. ‘Werken doe je van 9 tot 5, microavonturen beleef je van 5 tot 9’, is zowat de basisregel van de kleine uitjes die de microavonturen eigenlijk zijn.

Wakker worden op een bergtop

‘Expedities hebben al zo veel betekend in mijn leven’ zegt Humphreys in een interview met de New York Times. ‘Wakker worden op een bergtop maakt me gelukkiger, en dat blijft lange tijd nazinderen. Ik wil andere mensen helpen om hetzelfde te ervaren. Op een berg slapen zal je leven niet veranderen, maar het kan wel een kleine stap zijn die een verandering inluidt.’

Wat een microavontuur precies inhoudt, bepaal je grotendeels zelf. Het basisdee is dat je iets onderneemt dat je nog nooit gedaan hebt, en dat je best leuk en spannend vindt. De microavonturen die Humphreys aanprijst, houden vaak in dat je ook onder de blote hemel slaapt, maar het draait vooral over de juiste mentaliteit om eraan te beginnen. Je hebt er immers geen tijd, geld of gespecialiseerd materiaal voor nodig. Een microavontuur kan alles zijn dat fris, nieuw en uitdagend voor je is. Het verschilt op zich ook niet veel van een ‘groot’ avontuur - alleen korter, goedkoper en dichter bij huis.

Vijf ideeën voor een microavontuur

  1. Ga eens op een andere manier naar het werk. Als je altijd met de auto gaat, neem dan eens de trein - vaak is dat ook al behoorlijk avontuurlijk. Ga met de fiets, of wandel een eind en probeer een lift te versieren. De kans dat je iets meemaakt dat je nog een tijdje zal bijblijven is groter dan wanneer je op de E40 staat aan te schuiven in de file.
     
  2. Spreek af met vrienden of collega’s om samen iets te gaan eten na het werk. Voor de verandering niet in een hip restaurant, maar ga samen naar de supermarkt en koop ingrediënten voor een rudimentaire maaltijd in the middle of nowhere - een veld, een bos, een heuvel, ... Drank is niet verboden - het is een avontuur, geen bezinning - maar hou het rustig en zorg nergens voor overlast. ‘s Ochtends ruim je de boel op, ga je samen nog ergens een koffie drinken, om vervolgens aan een nieuwe werkdag te beginnen.
     
  3. Maak een nachtelijke wandeling. Dat hoeft zelfs geen speciaal uitgezocht parcours te zijn, maar kan exact dezelfde wandeling zijn die je geregeld overdag maakt. De duisternis van de nacht maakt de ervaring sowieso helemaal anders. Een wandeling bij volle maan maakt het allemaal nog net iets specialer - en je kan ineens ook je zaklamp thuis laten.
     
  4. Ga met de fiets naar het werk, en rijd na afloop van je werkdag naar een afgelegen plekje met een mooi uitzicht. Geniet van de zonsondergang, slaap onder de sterrenhemel, sta samen met de zon op, en fiets nadien terug naar het werk. Je zal misschien niet helemaal fris voor de dag komen, maar volgens Humphreys zal de kwaliteit van je werk wel aanzienlijk beter zijn omdat je je hoofd hebt kunnen leegmaken.
     
  5. Zoek een treinstation in een relatief ruraal gebied. Het kan zelfs een station zijn waar je dagelijks passeert, maar waar je nog nooit geweest bent. Kijk even na welke trein je moet nemen om terug op tijd op het werk te geraken - of om nog net op tijd terug thuis te geraken als je niet wil overnachten - en wandel de nacht tegemoet.

Wildkamperen? Mag dat zomaar?

Het ultieme microavontuur, zoals Alastair Humphreys ze vaak beschrijft, houdt in dat je onder de blote hemel slaapt op een afgelegen plek. Helemaal evident is dat niet, want in België is wildkamperen verboden. Er zijn wel een aantal plekken in ons land waar individuele bivakkeerders tijdelijk een tentje mogen opslaan - paalkamperen heet zoiets, en op www.bivakzone.be vind je een overzicht - maar dat doet enigszins afbreuk aan het concept van zonder veel organisatie dicht bij huis een nachtje buiten slapen.

Om echt op veilig te spelen, heb je dus toestemming nodig van de boswachter of de eigenaar van het lapje grond waar je de nacht wil spenderen. Doe je dat niet, dan loop je het risico op een boete en zelfs gerechtelijke vervolging. Ook een avontuur, maar niet het soort waar je van opkikkert.

In de praktijk zal het dus mogelijk minder idyllisch zijn dan hoe Humphreys het voorstelt. Al geeft hij zelf wel aan dat het eigenlijk nogal meevalt met dat wildkamperen: ‘Niemand over de hele wereld heeft ooit al geklaagd, gezegd dat ik moest weggaan of heeft me gearresteerd. Op de vraag waar je kan wildkamperen zijn twee antwoorden. Het theoretisch/juridische antwoord dat zegt dat je bijna nergens mag verblijven, en het praktische antwoord: bijna overal. Net zoals niemand het erg vindt dat je een dutje doet op het strand, zal niemand het erg vinden dat je ergens de nacht doorbrengt.’

Waar moet je rekening mee houden?

  • Een microavontuur speelt zich altijd buiten af, en altijd ‘s avonds (en ‘s nachts). De mate van comfort bepaal je zelf, maar het is wel belangrijk dat je buiten bent. Humphreys raadt sterk aan om een volledige nacht van huis te blijven en ook buiten te slapen, maar dat is voor sommigen de eerste keer misschien een brug te ver.
     
  • Maak het jezelf niet al te makkelijk. Het moet een beetje spannend blijven, en het wordt pas een avontuur als je buiten je comfortzone treedt. Het is niet erg als je enigszins ongemakkelijk wordt van het idee op microavontuur te vertrekken. Dat is net de bedoeling.
     
  • Verlies je niet in details. Je hebt heus geen speciale en dure trekkingoutfit nodig om een nacht van huis te zijn, en je moet niet met alle mogelijke situaties rekening houden. Ook voor je avondeten hoef je geen driegangenmenu te voorzien. Hou het eenvoudig en neem niet te veel bagage mee.
     
  • Laat alles netjes achter. Het spreekt nogal voor zich, maar zorg dat je tijdelijke verblijfplaats er terug min of meer uitziet zoals voor je doortocht. Al was het maar om geen sporen achter te laten als je toch het risico zou nemen om te gaan wildkamperen.
     
  • Zoek het niet te ver. Zoek op Google Maps naar groene plekken in de buurt, maar vermijd veel opzoekingswerk over geschikte of aanbevolen locaties. Een microavontuur kan in principe overal - zelfs in je eigen tuin.