Eén Antwerps kind op zeven in 2014 geboren in kansarm gezin
Foto: Michiel Hendryckx

Eén kind op zeven of 14,3 procent van alle kinderen werd in 2014 in de provincie Antwerpen geboren in een kansarm gezin. Dat blijkt uit het jaarverslag van Kind en Gezin. In Vlaanderen gaat het om 11,4 procent, of een verdubbeling ten opzichte van 2001 (6 procent). ‘Deze cijfers bewijzen dat we de gezinnen zo veel mogelijk moeten blijven ondersteunen’, zegt woordvoerster Leen Du Bois.

Of een kind in kansarmoede leeft, wordt bepaald aan de hand van het maandinkomen van het gezin, de opleiding van de ouders, het stimulatieniveau van de kinderen, de arbeidssituatie van de ouders, de huisvesting en de gezondheid.

In Antwerpen ligt het percentage kinderen die geboren worden in een kansarm gezin het hoogst, gevolgd door Limburg (11,8 procent), Oost-Vlaanderen (11,6 procent), West-Vlaanderen (10,3 procent) en Vlaams-Brabant (6,5 procent).

Kansarmoede doet zich vooral voor in de steden: 53 procent van de kinderen in kansarmoede woont in de 13 centrumsteden. Daarnaast speelt de nationaliteit van de moeder een rol: 64 procent van de kinderen die in kansarmoede leven heeft een moeder van niet-Belgische origine. In Antwerpen is dat zelfs 74,5 procent.

Het percentage van kinderen die in kansarmoede geboren worden, stijgt bovendien jaarlijks, behalve in West-Vlaanderen, waar het in 2013 nog 10,8 procent bedroeg. ‘We zien daarbij vooral een impact van de stijging in Vlaanderen van het aantal geboortes bij moeders van niet-Belgische origine’, zegt Leen Du Bois.

‘We werken al aan betere ondersteuning van de gezinnen’, reageert Vlaams minister van Gezin Jo Vandeurzen. ‘Hiervoor realiseren we Huizen van het Kind waar elk gezin laagdrempelig terecht kan voor gezinsondersteuning. De Huizen van het Kind zijn tevens een belangrijke actor in het stimuleren van de taalontwikkeling bij jonge (anderstalige) kinderen en een hefboom naar kleuterparticipatie en betrokkenheid van ouders in de opvoeding’