‘Eisenpakket voor levering Fyra-treinstellen was onmogelijk’
Foto: BELGA

Toen de Nederlandse Spoorwegen (NS) in 2002 aan de opstart van een hogesnelheidslijn tussen Nederland en België werkte, stelde het ook een eisenpakket op voor de treinstellen. Aan die eisen kon geen enkele fabrikant voldoen, aldus een voormalig medewerker van Siemens. Dat schrijft NRC.

Vijf fabrikanten van treinstellen konden toen treinstellen produceren voor de hogesnelheidslijn, maar slechts twee daarvan konden voor een trein zorgen die ook 220 kilometer per uur kon halen. Een van die fabrikanten was Siemens. Dat het bedrijf de opdracht toch niet aannam, lag aan het veel te complexe bestek waarop het moest intekenen. Technisch onhaalbaar. Dat legde René van Marrewijk, toenmalig salesmanager van Siemens, vandaag uit in de parlementaire enquêtecommissie in Nederland die het Fyra-debacle onderzoekt. Dat staat te lezen op de website van NRC.

Omdat het met het bestaande materiaal onhaalbaar was, zou Siemens de ICE-treinen die het ook voor de Deutsche Bundesbahn gebouwd had, ombouwen tot Fyra-treinstellen die wel 220 kilometer per uur haalden. Siemens wilde de opdracht enkel aannemen als de NS minimaal 26 treinen aan 28 miljoen euro zou afnemen. In het bestek werd echter uitgegaan van minimaal 16 treinstellen. De NS stopte onderhandelingen met Siemens en onderhandelde verder met Alstom en AnsaldoBreda.

Ook de geëiste leverdatum, april 2007, was volgens Van Marrewijk niet haalbaar. Niet alleen omdat de toestellen tegen die tijd niet af konden zijn, maar ook omdat testritten moesten ingecalculeerd worden. De betalingsschema’s door de NS opgesteld spoorden ook niet met de uitgaven die Siemens zou moeten doen.