Exact een jaar na de terroristische aanslag in het Joods Museum in Brussel, zijn enkele honderden mensen samengekomen voor het museum in een hommage aan de slachtoffers. Onder de aanwezigen ook premier Charles Michel en minister van Justitie Koen Geens.

Op 24 mei 2014 schoot de 29-jarige Mehdi Nemmouche aan het Joods museum in Brussel twee bezoekers neer, Emmanuel en Myriam Riva, en twee medewerkers van het museum, Dominique Sabrier en Alexandre Strens.

Zes dagen na de schietpartij werd hij in Marseille aangehouden, en later uitgeleverd aan België en aangeklaagd voor ‘moord in een terroristische context’.

Omdat de joden deze zondag Sjavoeot vieren, vergelijkbaar met het christelijke paasfeest, vond een burgerlijke hommage plaats op initiatief van het Coördinatiecomité van de Joodse Organisaties van België (CCOBJ). Volgende week, op 1 juni, organiseert het Joods Museum dan een herdenkingscermonie in de Grote Synagoge van Brussel.

Na toespraken van de burgemeester van Brussel Yvan Mayeur (PS) en Serge Rozen, de nieuwe voorzitter van het CCJOB, konden de ongeveer vijfhonderd aanwezigen, waaronder eerste minister Charles Michel en minister van Justitie Koen Geens, een kaars branden voor de gedenkplaat ter ere van de vier slachtoffers.

‘Als eerste minister wil ik de vastberadenheid van de voltallige regering benadrukken in deze strijd over de fundamentele waarden en de veiligheid. We zullen het risico nooit tot nul kunnen herleiden, maar we kunnen wel maatregelen nemen om de veiligheid te verbeteren en daarmee zijn we het afgelopen jaar begonnen, zei Michel achteraf.