Lage inkomens vaker gedwongen tot huren
Lage inkomens vaker gedwongen tot huren Foto: © jimmy kets
Vlamingen met een laag inkomen moeten steeds vaker noodgedwongen hun heil zoeken op de huurmarkt. Van de veertig procent armste Vlamingen bezat in 2005 net geen 60 procent een eigen woning. Vandaag is dat nog maar 49 procent, of minder dan de helft. D

at staat te lezen in de ochtendkrant van De Standaard. Bij de rijkste veertig procent is het aandeel huiseigenaars in die periode nauwelijks gezakt: meer dan vier op de vijf bezit een eigen woning. Dat blijkt uit het Grote Woononderzoek 2013 van het Steunpunt Wonen.

Doordat minder gegoede Vlamingen moeilijker een huis kunnen verwerven, is het aandeel huiseigenaars voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog gezakt. In 2005 bezat bijna 75 procent van de gezinnen een eigen huis, vandaag is dat nog maar 70,5 procent. Tegelijk steeg het aantal gezinnen dat een woning huurt van 24,1 naar 27,1 procent. Een Vlaams gezin op de veertig is geen eigenaar, maar betaalt ook geen huur.

Onzekerder inkomen

De financiële crisis is een van de redenen voor het gedaald aandeel eigenaars bij de laagste inkomensgroepen. Door de crisis zijn banken voorzichtiger geworden bij het toekennen van een woonkrediet, terwijl de huizenprijzen wel zijn blijven stijgen. ‘Het is logisch dat de lage inkomens daar het meest onder lijden. Zij beschikken over het minste eigen vermogen’, zegt Sien Winters (KU Leuven) die het onderzoek coördineerde. Door de crisis is ook het inkomen onzekerder geworden, waardoor ontleners zelf voorzichtiger zijn.

Dat lage inkomens minder snel een woonkrediet krijgen en dus moeilijker een huis kunnen kopen, is niet per se een slechte zaak. ‘Het behoedt een aantal mensen voor problemen’, stelt Winters. ‘Maar anderzijds zien we dat het aantal problematische afbetalingen relatief laag ligt. Er was dus niet echt een groot probleem.’

Maar doordat de armste Vlamingen moeilijker een woning kunnen verwerven, neemt de ongelijkheid op de vastgoedmarkt wel sterk toe. Veertig jaar geleden was het woningbezit bij de 20 procent hoogste verdieners nauwelijks hoger dan de 20 procent laagste verdieners. Vandaag bedraagt het verschil bijna veertig procentpunten.