Dit artikel delen:   

Reconstructie van de gruwelnacht in Guerrero

  • 6 februari 2015

De Standaard-reporter Lieven Sioen ging in de Mexicaanse deelstaat Guerrero op zoek naar de waarheid achter de 43 verdwenen studenten. Hij sprak overlevenden, ouders en andere slachtoffers van de terreur.
Lees hier al de reconstructie van de gruwelnacht, in dS Weekblad vindt u de volledige reportage.

Scroll

Reconstructie van de gruwelnacht in Guerrero

  • 6 februari 2015
  • Lieven Sioen

De Standaard-reporter Lieven Sioen ging in de Mexicaanse deelstaat Guerrero op zoek naar de waarheid achter de 43 verdwenen studenten. Hij sprak overlevenden, ouders en andere slachtoffers van de terreur. Lees hier al de reconstructie van de gruwelnacht, in dS Weeklbad vindt u de volledige reportage.


 

De linkse studenten van de normaalschool Raúl Isidro Burgos in Ayotzinapa doen het wel vaker: tolhuizen op de snelweg afsluiten om geld in te zamelen voor hun gratis school. Regelmatig nemen ze ook bussen in beslag voor hun verplaatsingen. Dat was ook het plan op 26 september. Die extra bussen wilden ze in Iguala halen, een stad van 80.000 inwoners op twee uur rijden van Ayotzinapa. Rond 13.00 uur vertrokken uit de school tachtig studenten. Zeventig van hen waren eerstejaars. De actie was ook als een soort doop bedoeld.

De studenten van Ayotzinapa waren al eerder in aanvaring gekomen met de burgemeester van Iguala, José Luis Abarca. Het was een publiek geheim dat Abarca nauw verweven was met de georganiseerde misdaad. Hem werden zelfs twee moorden aangewreven, en zijn vrouw María Angeles de la Pineda Villa behoorde tot een beruchte drugsclan in het kartel Guerreros Unidos, dat de regio werkelijk controleert. Iguala is immers niet alleen strategisch gelegen op de transportroute naar het noorden, in de bergen van de deelstaat Guerrero wordt bovendien 90 procent van de Mexicaanse papaver geteeld.

Wespennest

In dat wespennest slagen de studenten van Ayotzinapa er die vrijdagavond in om in de buscentrale twee extra voertuigen in beslag te nemen. Eén bus verlaat de stad alleen, de drie andere in colonne. Maar allemaal worden ze door de gemeentepolitie onderschept. De agenten openen het vuur op de eerste bus, waarbij gewonden vallen. Ook burgemeester Abarca is al vroeg op de avond via de radiocentrale van de lokale politie op de hoogte gebracht van de actie van de studenten. Hij geeft opdracht de studenten kost wat kost tegen te houden. Daartoe trommelt de ondercommissaris van Iguala zijn collega in Cocula op. Die verzamelt een moordcommando in camouflagekledij en trekt met oorlogswapens naar Iguala.


De ondercommissaris van Cocula verzamelt een moordcommando in camouflagekledij en trekt met oorlogswapens naar Iguala


Rond elf uur 's avonds openen de agenten een tweede keer het vuur op de colonne van drie bussen. Daarbij vallen twee doden. De jacht is nu open. Enkele studenten vinden onderdak bij burgers, een andere groep klopt aan bij een ziekenhuis. Ze bellen het noodnummer, en een legerpatrouille komt langs. De militairen weigeren echter hen te helpen, en geven de studenten de schuld van wat er is gebeurd. Studenten die er niet in slagen te vluchten, worden opgepakt. Een van hen, Julio César Mondragón Fontes, wordt op een gruwelijke manier vermoord. Iemand steekt hem de ogen uit, vilt zijn gelaat en slaat de schedel in. Diezelfde nacht opent de politie nog een derde keer het vuur op een voorbij rijdende bus. Aan boord zitten echter geen studenten, maar reizigers. De chauffeur en een vijftienjarige voetbalspeler worden gedood. Ook een vrouw in een taxi komt om in de kogelregen.

Brandstapel

Op zijn ranch halverwege Iguala en Cocula heeft vroeger op de avond ook Gildardo 'Gil' López telefoon gekregen. Officieel is Gil veehouder, in werkelijkheid is hij de regionale baas van het drugskartel Guerreros Unidos. Het kartel is in een bloedige strijd verwikkelde met de rivaliserende Los Rojos.

Gil eist dat de gevangen studenten naar zijn rancho werden gebracht. Daar gooien zijn kompanen de jongens in twee pick-ups, de een boven de ander, waarna ze naar een oude stortplaats bij Cocula rijden, zes kilometer van de hoofdweg. Bij aankomst blijken verschillende studenten al gestikt.

De overlevenden worden gefolterd en ondervraagd. De narco's van Guerreros Unidos geloven dat ze tot de clan van Los Rojos behoren. Ze doden alle studenten en maken een enorme brandstapel, tot van de studenten alleen verkoolde botten overblijven. Die verpulveren ze en de as scheppen ze in industriële vuilzakken, die de narco's tenslotte in de rivier gooien. Achteraf zullen federale agenten enkele zakken met resten terugvinden. Slechts van een student kan DNA worden geïdentificeerd, Alexander Mora Venancio, 21 jaar oud. De 42 overigen zijn in rook opgegaan.


Overlevenden getuigden dat ook federale politie aan de schietpartij deelnam


Voor het Mexicaans parket staat het nu vast dat de studenten zijn vermoord. Het baseert zich daarvoor op de getuigenissen van ongeveer tachtig gearresteerde agenten en narco's, onder wie burgemeester Abarca en zijn vrouw. Verschillende hoofdrolspelers blijven echter nog altijd voortvluchtig, onder wie twee politiecommissarissen en de capo Gildardo 'Gil' López.

 

De ouders, daarentegen, blijven ervan overtuigd dat hun kinderen nog leven. Ze worden daarin gesterkt door de verklaringen van een wetenschapper van de Nationale Autonome Universiteit van Mexico (UNAM) die beweert dat het fysisch onmogelijk was om 43 lichamen te verbranden op de stortplaats van Cocula.

Er zijn ook overlevenden die getuigden dat ook federale politie aan de schietpartij deelnam. Harde bewijzen hiervoor, zijn echter niet opgedoken. Wat wel vaststaat, is dat de federale politie en het Mexicaanse leger via de gemeenschappelijke radiocentrale op de hoogte waren van de actie van de studenten.

Schending mensenrechten

Advocaat Santiago Aguirre, van het Centro Prodh, heeft begrip voor het ongeloof van de ouders. Hun verwerkingstijd is anders dan die van een overheid die liever zo snel mogelijk de bladzijde omslaat. Bovendien heeft het Mexicaans gerecht heeft een lange voorgeschiedenis van inefficiëntie, straffeloosheid en het fabriceren van bewijzen.

De advocaat bevestigde ons wel dat de reconstructie van de nacht zelf, zoals die in het Mexicaanse tijdschrift Nexos verscheen en waar dit stuk op is gebaseerd, overeenstemt met het dossier zoals hij het kent. Maar dat is grotendeels gebaseerd op bekentenissen. Doorslaggevend wetenschappelijk bewijs van de moord en de verbranding van de studenten ontbreekt vooralsnog. Het is daarvoor nog wachten op de bevindingen van een Argentijns forensisch team, dat op vraag van mensenrechtenorganisaties en met toestemming van het Mexicaans parket een eigen onderzoek voert.

Aguirre wil bovendien ook dat de zaak juridisch als een 'gedwongen verdwijning' wordt gekwalificeerd, wat een schending is van de mensenrechten is. Het parket kwalificeert Ayotzinapa als een ontvoering, en dat laat volgens de mensenrechtenadvocaat de verantwoordelijkheid van de overheid buiten beeld.

Ten slotte vindt Santiago Aguirre dat vele, essentiële vragen onbeantwoord blijven. De belangrijkste hoe het mogelijk was dat burgemeester Abarca en het kartel Guerreros Unidos zo lang ongestraft hun gang konden gaan, onder de ogen van het leger, het gerecht en de gouverneur. 'De straffeloosheid en de permissiviteit tegenover mensenrechtenschendingen blijft het grote probleem van dit land.'

 

  1. LEES DE VOLLEDIGE REPORTAGE DIT WEEKEND IN DS WEEKBLAD


  2. Zoon, zolang ik je niet heb begraven, zal ik je blijven zoeken