Man-in-vorm Greg Van Avermaet werd op het WK in Ponferrada ook de beste Belg. Helaas voor België werd hij pas vijfde, in een spurt voor het zilver werd hij genekt door Alejandro Valverde. De Pool Michal Kwiatkowski was toen al buiten schot.

‘Valverde ging in die spurt met mij naar de koord, jammer want anders was een podiumplaats zeker mogelijk’, aldus Van Avermaet. ‘De winnaar was toen echter al weg. Phil (Gilbert, red.) heeft goed gewerkt voor mij, waardoor ik me kon sparen voor de sprint. De andere achtervolgers bleven echter speculeren: wij konden echt niet sneller.’

‘Ik denk dat we een perfect WK hebben gereden. In elke belangrijke ontsnapping hadden we iemand mee en in de laatste ronde kwam echt iedereen nog helpen om Phil (Gilbert) en mij goed af te zetten aan de slotklim. Op die klim moest ik tot mijn verbazing even een gaatje laten, maar ik kwam er wel nog bij op de top. We waren als enige land met twee renners mee in het slot, dan kan je jezelf weinig verwijten.’

Gilbert: ‘Ik snap die anderen niet’

Philippe Gilbert toonde zich een modelploegmaat n werd uiteindelijk zevende. Na de laatste klim offerde hij zich op voor de ploeg en gaf hij het volle pond om Michal Kwiatkowski terug te nemen. Tevergeefs. ‘Het is jammer dat die andere jongens niet meehelpen’, zei hij na afloop. ‘Op een WK telt alleen het goud.’

Vooraf was er twijfel over de vorm van Gilbert. Niet alleen in zijn entourage, in de kranten, maar ook bij de renner zelf. Althans zo liet hij toch uitschijnen vrijdag op de persconferentie van de Belgische ploeg. ‘Ik heb afgezien in de Vuelta, ik heb de voorbije weken geen resultaten gereden en ik weet niet hoe ver ik precies sta, zeker niet de conditie van toen ik in Valkenburg wereldkampioen werd.’

Op het WK zondag reed Gilbert een sterke wedstrijd en plooide hij zich dubbel om Kwiatkowski terug te grijpen in het slot. ‘Ik wist dat ik goed was’, vertelde hij na het WK. ‘Er was kritiek, maar ik heb daar een beetje van geprofiteerd. Het was niet aan mij om dat tegen te spreken en bovendien zorgde het er voor dat er minder naar mij gekeken werd en ik geen topfavoriet was. Aan de bondscoach en de ploegmaats heb ik wel gezegd dat ik me goed voelde.’

En dat bleek dus ook in de wedstrijd. ‘We hebben met de ploeg een mooie collectieve prestatie neergezet’, klonk het. ‘Tot op het eind deden we mee. Die laatste klim ligt me wel en ik ben snel op Gerrans en co teruggekeerd. Toen ik na de klim zag dat Greg er nog bij was, moest er niet gepraat worden. Hij is snel aan de meet. Ik zou voor hem rijden, dat was vooraf ook afgesproken. Dus ik plooide me dubbel. Ik begrijp de tactiek van de renners die mee vooraan zaten niet. Nu goed: Gallopin & co, ik weet niet hoe ze zich voelden, maar ik begrijp niet dat ze de kop niet even overnamen. Dan had ik even op adem kunnen komen en grijpen we Kwiatkowski misschien wel. In een klassieker kan je plezier hebben aan een top vijf plaats of zo, maar op een WK telt alleen de trui. Ik begrijp niet dat ze zo berekend reden.’