Jeugdhuizen zijn een mannenzaak
Foto: WDK

De jeugdhuizen in Vlaanderen krijgen goede punten van hun bezoekers. Opvallend is wel dat ze vooral een mannenpubliek aantrekken. En de relaties met de buren zijn cruciaal voor een goede werking. Dat blijkt uit een grootschalig onderzoek.

De jeugdhuisbezoekers zijn over het algemeen tevreden over hun jeugdhuis. Ze krijgen gemiddeld een score van 8.1 /10, zo blijkt uit een bevraging bij 73 jeugdhuizen door de Hogeschool VIVES en onderzoeksgroep TOR van de VUB. In jeugdhuizen met een hoger aandeel allochtonen, en waar een positief klimaat van vertrouwen en communicatie heerst bij de vrijwilligers, ligt de algemene tevredenheid hoger.

Meer mannen

Opvallend is dat jeugdhuizen meer mannelijke bezoekers aantrekt. Bijna twee op de drie bezoekers (64.5%) is man. Bij de vrijwilligers ligt dat aandeel zelfs nog hoger (73.5%). Een deel van de verklaring zit in het feit de muziekgenres die vaak aan bod komen in de jeugdhuizen een eerder ‘mannelijke’ toets hebben. Het gaat om hardere genres als rock, metal, techno, electro & house en punk. Voor pop- en hitparademuziek (die meer door de vrouwelijke bezoekers wordt gesmaakt) is in een jeugdhuis minder plaats.

Een mix van harde en zachte muziek is geen oplossing, blijkt uit het onderzoek. De tevredenheid ligt lager in jeugdhuizen die een minder specifieke ‘muzikale stijl’ hebben en dus heel uiteenlopende genres aan bod laten komen. Te veel diversiteit op dit vlak, lijkt dus negatief. Muziek maakt een belangrijk deel uit van de identiteit van jongeren en gelijkaardige muziekvoorkeuren vormen een bindmiddel en creëren een groepsgevoel.

Daarnaast hebben jeugdhuizen niet zelden een hoog ‘mancave’ gehalte; de inrichting is niet altijd even gezellig en er zijn nogal wat klachten over de kwaliteit van het sanitair.

Buren

Maar de sector kampt ook met moeilijkheden. De zaken die het vaakst problemen opleveren voor de jeugdhuizen hebben te maken met het tekort aan en verloop van vrijwilligers, en een gebrek aan inspanningen die ze leveren. Al merken de onderzoekers op dat dit typisch is voor het verenigingsleven in het algemeen.

Zowat de helft van de jeugdhuizen zegt daarnaast te lijden onder administratieve overlast en infrastructurele bekommernissen. Financiële tekorten en een moeilijke relatie met de buurt vormen een probleem voor vier op tien jeugdhuizen.

Vooral die relatie met de buurt is een cruciale factor voor de jeugdhuiswerking. Als deze goed zit, blijkt ook andere zaken goed te lopen voor het jeugdhuis. Alleen is de relatie met de buurt niet zelden ‘problematisch’. Meestal komt dit door twee vormen van overlast, met name nachtlawaai en afval op straat.

Veel jeugdhuizen hebben ook niet de geschikte infrastructuur voor fuiven, concerten en podiumgebeuren. Slechts een op de vijf jeugdhuizen heeft daarvoor een apart gebouw en de helft heeft zelfs geen afzonderlijke ruimtes. Mocht het budget voorhanden zijn, zou een derde van de jeugdhuizen investeren in isolatie, en een kwart in een fuif- of concertzaal, en een buitenruimte.