TV-BLOG. Menselijk, o zo menselijk
Jeroen Meus duikt in het leven van een sumo-bestaan in 'Goed volk'. Foto: VRT
Een paar blote kwabberbillen van sumoworstelaars aan het keukenaanrecht. Drie sumoworstelaars die op een rijtje een siësta houden. Een sumoworstelaar die een kapper zijn knot laat leggen terwijl hij zelf met kaarsrechte rug op de grond zit, verdiept in het spelletje op zijn smartphone. Het zijn beelden die blijven hangen, als postkaarten met meerwaarde.

Want laat dat al meteen duidelijk zijn: qua fotografie gooit Goed volk, de reportagereeks van Jeroen Meus, hoge ogen. Eén beeld op twee is, zoals we zeggen, 'om in te kaderen'. Filmmaakster Kat Steppe (van de documentaire Ik vergeet u nooit) liet hier duidelijk haar stempel achter.

Maar een reportagereeks mag het niet hebben van mooi beeld alleen. Uitgangspunt van Goed volk is simpel: via de keuken verschaft televisiekok Jeroen Meus zich een ticketje naar een gemeenschap waar je niet zomaar binnen geraakt, of beter, waar je niet zomaar de pieren uit 's mens neus kan halen.

In deze eerste aflevering zagen we hem een kleine week meeleven met de leden van een sumo-stal in Tokio: mannen met een BMI dat de gezondheidsnormen overstijgt en met persoonlijkheid die op het eerste gezicht trekken van een buldozer heeft. We zagen Meus binnengluren in keuken, slaapkamers en trainingszalen. Hij praatte, observeerde en stelde vragen. Menselijke vragen. En er kwamen menselijke antwoorden. Dat het geen gelukkig leven is, zo'n sumo-leven, leerden we. Dat het hard was, maar dat je dat weet voor je eraan begint, dus dat dat geen reden mag zijn om eruit te stappen. Dat je soms heel hard gaat nadenken, vaak ook over dingen die je triest maken, maar dat er zelfs dan geen kans is om alleen te zijn om het allemaal even te verwerken. Dat de handdoek in de ring gooien geen optie is, omdat je daarmee de familie ten schande maakt.

Maar we zagen ook sumo-onnozeliteiten, jongens-onder-mekaargepest, billengeklets en een kater na te veel drank. Mooi was hoe Meus vier van die zware jongens rond het aanrecht mosselen liet kuisen en daarmee toch een soort van deugd doende camaraderie suggereerde. Maar mooi was vooral hoe je als kijker na de reportage het kleine zielige jongetje zag in de pappige mens.

Wie bij het horen van de naam Jeroen Meus zucht 'weer een kookprogramma', zucht dat hier dus onterecht. De eerste aflevering van Goed Volk is een veelbelovende start van een mooi, heel mooi gemaakte reportagereeks waarin Jeroen Meus zelf nieuwsgierig kijkt naar de medemens, zonder daarbij zelf in het oog van de camera te willen lopen. Hij staat vaak ook letterlijk in de rand van het beeld. En dat is wellicht geen toeval. Fly on the wall, wou hij zijn, en in dat opzet is hij geslaagd.

Goed Volk, Eén, 20u40

Wat vond u van dit programma? Reageer via de knop rechtsboven.