De gevaarlijke weg van de minste weerstand
Foto: archana bhartia - Fotolia

Rik Torfs kan maar weinig respect opbrengen voor de houding van de directeur-generaal van het Brussels stedelijk onderwijs. Om enkele moslims die homoseksualiteit niet aanvaarden ter wille te zijn het verlicht klinkende argument ‘neutraliteit’ inroepen, dat is gewoon laf.

Wie? Rector KU Leuven.

Wat? Neutraliteit, in welke vorm dan ook, kan alleen betrekking hebben op een school, niet op een leerkracht.

De topman van het stedelijk onderwijs in Brussel raadt leraren aan over hun privéleven te zwijgen. Ze delen best niet mee of ze homo of hetero zijn. Want de neutraliteit van de school mag onder geen beding in het gedrang komen.

Dat is een redenering die even onnozel als gevaarlijk is. Neutraliteit slaat immers alleen op de school. Wat die term overigens ook moge inhouden. Want neutraliteit kan zowel wijzen op een angstvallig verhullen van elke levensbeschouwelijke betrokkenheid als op actief pluralisme, waarbij iedereen ronduit voor zijn overtuiging, of voor het gebrek eraan, uitkomt. Maar hoe die neutraliteit ook gestalte krijgt, ze heeft alleen betrekking op de school. Niet op de leraar, die een volwaardig mens blijft – het tegendeel zou pas gruwelijk zijn – en dus over al zijn mensenrechten beschikt. Iemand kan homo zijn, ook al schokt dat laatste sommige ouders en leerlingen. En dat blijkt in Brussel het geval te zijn.

Het verborgene

Er was een tijd dat openlijk homoseksuele leerkrachten een probleem vormden in het katholiek onderwijs. Alles gebeurde in het verborgene. Vandaag zouden we zoiets als onduldbare hypocrisie beschouwen. Al blijft het ondertussen een pijnlijk gegeven dat veel gedreven leraren onder het onbarmhartige kerkelijke optreden hebben geleden op een manier die heel vaak niet meer goed is te maken.

Maar vandaag liggen de kaarten compleet anders. Terwijl vroeger leraren in een katholieke school braaf moesten zijn, mogen ze vandaag in het Brusselse openbaar onderwijs helemaal niets meer zijn. Niet braaf, niet stout, niets. Kleurloze kennismachines die punten geven en diploma’s uitreiken. Dat is onmenselijk. En ook juridisch niet correct.

Ook in een ‘neutrale’ school heeft een leraar recht op een eigen profiel, mening of seksuele geaardheid. Er zou een deontologisch probleem ontstaan als hij zou proberen van homo’s hetero’s of van hetero’s homo’s te maken. Maar hij mag in alle rust zijn wie hij is. Het is zonder meer gruwelijk als je wordt verplicht een stuk van jezelf angstvallig verborgen te houden. Zoals homo’s vroeger deden in katholieke scholen. Zoals homo’s en hetero’s wordt aangeraden te doen in het Brussels stedelijk onderwijs.

Maar natuurlijk gaat het in het Brusselse stedelijk onderwijs om een dieper probleem. De topman is uit zichzelf wellicht niet eens een vurig tegenstander van de mensenrechten. Hij is alleen niet bijzonder moedig. Een beetje laf. Hij weet immers maar al te goed dat er zich in zijn scholen een aantal moslimleerlingen bevindt (en we mogen hier onder geen beding veralgemenen) dat homoseksualiteit niet aanvaardt en eventueel bereid is homoseksuele leerkrachten het leven zuur te maken. Dat probleem rechtstreeks aankaarten, daarvoor is meer lef nodig dan de topman er heeft. Dan is terugvallen op het argument van de neutraliteit, dat keurig en verlicht klinkt, veel gemakkelijker.

Een dergelijke houding verdient weinig respect. Want op het vlak van de mensenrechten, hoeksteen van de democratische samenleving, mogen we niet wijken. Ook niet uit pragmatisme. Evenmin om herrie te vermijden. En zeker niet om ons eigen gezapige, comfortabele bestaan ongestoord verder te kunnen zetten.

Gelukkig hebben we nog het Europees Hof voor de Rechten van de Mens als we in ons eigen land zwichten voor de wet van de minste weerstand. Hoe dan ook, als de mensenrechten in ons land verder afbrokkelen, zal het gebeuren zoals in het Brussels stedelijk onderwijs. Indirect. Sluipend. Schijnbaar achteloos. Met drogredeneringen en schijnargumenten. Zoals de verwijzing naar de neutraliteit van de school. Ooit mede bedoeld om de dominante, vaak katholieke, levensbeschouwing enigszins aan banden te leggen. En nu uit de kast gehaald om de vermeende nieuwe moslimmeerderheid ter wille te zijn.

Wie werkelijk in mensenrechten gelooft, verdedigt ze niet alleen als iedereen dat fantastisch vindt. Hij houdt ook stand als het een beetje pijn doet.