Leuvense historica publiceert oorlogsdagboeken over Slag om Leuven
Een archieffoto uit 1914 toont het verwoeste Martelarenplein in Leuven na de inval van Duitse troepen.

Honderd jaar na de Duitse bezetting van de stad Leuven brengt het project Oorlogsdagboek Leuven het verhaal rond die gebeurtenis via de dagboekfragmenten van een tiental historische getuigen.

Op 20 augustus 1914 bezette het Duitse leger de stad Leuven. Nadat het gerucht de ronde deed dat Duitse soldaten beschoten waren door Belgische burgers, reageerden de Duitsers met wraakacties: een groot deel van het Leuvense stadscentrum, waaronder de eeuwenoude universiteitsbibliotheek, ging in vlammen op.

Van 22 juli tot 28 oktober zal op de website en Facebookpagina van Oorlogsdagboek Leuven iedere dag een dagboekfragment te lezen zijn die dag op dag honderd jaar voordien geschreven is. In de dagboekfragmenten beschrijven de getuigen hoe zij de eerste oorlogsmaanden en de verwoesting van Leuven ervoeren.

Die getuigen zijn onder meer de Vlaamse kapucijn Valerius Claes, die heel wat lijken begroef, rechtenstudent Hervé De Gruben, die brancardier werd, de in Leuven wonende Zwitserse zakenman Fuglister, die Leuvenaars interviewde om bewijslast te verzamelen over de schendingen van mensenrechten, de toenmalige burgemeester Leo Colins en zijn tijdelijke vervanger Alfred Nerincx, de jonge journalist Lambertus Mokveld van de Nederlandse krant De Tijd en de Leuvense wijnhandelaar Felix Boon.

Het project is met Leuvense steun opgericht door historica Hilde Verboven.

‘Ik geef hiermee de gewone mens een stem’, zegt Verboven. ‘Een student, zakenman, burgemeesters, zuster, journalist, wijnhandelaar..., allemaal vertellen ze dag aan dag wat ze zien, horen, voelen en ruiken. Het zijn persoonlijke, aangrijpende verhalen over twijfel (bijvoorbeeld: zal de oorlog Leuven bereiken?), feiten (bijvoorbeeld: de Duitsers vallen Leuven binnen), emoties en gruwel. Als ooggetuigen van toen verslaan zij elk vanuit hun eigen achtergrond voor ons het nieuws uit Leuven. De inhoud is volledig gebaseerd op oorlogsdagboeken, archieven en publicaties van toen.’