BNP Paribas hield schurkenstaat overeind
Een gebouw van BNP Paribas in Genève. Foto: reuters

BNP Paribas heeft het regime van Omar al-Bashir in Soedan gesteund. De Franse bank financierde import- en exporttransacties voor de Soedanese overheid ondanks Amerikaanse sancties tegen het land.

De Franse bank BNP Paribas heeft jarenlang moedwillig meegeholpen het regime van heerser Omar al-Bashir in de schurkenstaat Soedan overeind te houden. Dat blijkt uit documenten die openbaar zijn gemaakt door de Amerikaanse justitie. BNP Paribas werd deze week mede om die reden veroordeeld tot een boete van 8,9 miljard dollar.

Uit de documenten blijkt hoe BNP Paribas via zijn filiaal in Zwitserland import- en exporttransacties voor de Soedanese overheid financierde, hoewel het land tot een internationale paria was uitgeroepen. Dat gebeurde onder meer wegens de humanitaire crisis in Darfoer en het onderdak dat terrorist Osama bin-Laden in het land kreeg nadat hij door Saudi-Arabië tot persona non grata was uitgeroepen. Volgens de Amerikaanse onderminister van Justitie, James Cole, was het Geneefse filiaal van BNP Paribas de facto de centrale bank van Soedan geworden.

Top was op de hoogte

De top van BNP Paribas was van dat alles perfect op de hoogte, maar verkoos de transacties toch uit te voeren omdat de Soedanese klanten commercieel te belangrijk waren om te laten vallen. Uit e-mails blijkt dat de Parijse bankiers rechtstreekse face-to-face-contacten onderhielden met de Soedanese minister van Financiën.

Ze wisten ook heel goed dat ze met de transacties de sancties overtraden die de Amerikaanse president Bill Clinton in 1997 had uitgeroepen. Het personeel van het filiaal in Genève kreeg uitdrukkelijke instructies om elke verwijzing naar Soedan of de identiteit van de opdrachtgevers van de betaaldocumenten te schrappen. De bankiers waarschuwden elkaar ook met mails. De Soedanezen verwezen zelf naar de Amerikaanse sancties als ze vroegen om de transacties anoniem te laten passeren.

Binnen de bank werd er door compliance officers (die moeten toezien op het handhaven van de regels) gewaarschuwd tegen deze praktijken. Maar hun adviezen werden in de wind geslagen door de top van de bank. Zelfs nadat president Bush de sancties in 2006 nog verstrengd had omdat Soedan als een bedreiging voor de Amerikaanse veiligheid werd gezien, bleef BNP Paribas volharden in de boosheid. Pas toen de Amerikaanse autoriteiten de bank in 2007 ter verantwoording riepen, werden de betalingen stopgezet.

Lees de volledige reconstructie zaterdag in De Standaard.