Sinds bekend raakte dat met de komst van Mediahuis vier krantentitels onder één dak terechtkwamen, weerklonk luid de vrees voor de beruchte ‘eenheidsworst’. Tom Naegels sloeg aan het tellen, en stelt vast dat het wel meevalt met dat ‘pluralisme’ dat we zo graag willen.

Hé, toevallig. Terwijl ik dit stuk aan het schrijven was, kreeg ik een kwaaie mail van een lezer, die had vastgesteld dat stukjes uit ‘De Kleine Parade’, het tongue-in-cheek-rubriekje naast de strips, ‘identiek, maar met foto’s’ in Het Nieuwsblad stonden. Over een interview met twee hockeyspelers schreef hij hetzelfde, zij het dat dat ook nog eens in Gazet van Antwerpen stond.

Het was toevallig, omdat ik al een jaar de synergieën tussen die kranten aan het volgen ben. U weet dat De Standaard deel geworden is van Mediahuis, wat betekent dat de vier kranten in de groep (behalve de voornoemde ook Het Belang van Limburg) artikels kunnen uitwisselen. De aankondiging ervan deed de altijd smeulende bezorgdheid over de breedte van het Vlaamse nieuwsaanbod weer opflakkeren – in hoeverre er een ‘eenheidsworst’ bestaat, en of die versterkt wordt door concentratievorming (de spoken van Berlusconi en Murdoch zijn nooit veraf), en of dat een kwalijk effect heeft op de democratie. Als ombudsman van een van de betrokken kranten baart mij dat ook zorgen. Dus heb ik de proef op de som genomen: hoe veel artikels neemt De Standaard over van Het Nieuwsblad? En is dat geëvolueerd?

Sport en regio

Wel – nee. Geëvolueerd is het (nog?) niet. Ik heb het voorbije jaar in totaal twaalf edities van De Standaard vergeleken met twaalf edities van Het Nieuwsblad van dezelfde dagen: van elk artikel in die kranten (twee dagen in juli 2013, vijf in december 2013, vijf in mei 2014) heb ik gecheckt of het, volledig of in aangepaste vorm, in de andere krant verschenen is. Het patroon bleef gelijk. De regionale pagina’s van De Standaard komen integraal uit Het Nieuwsblad, veel van de sportverslaggeving ook. En verder staan er gemiddeld vier stukjes per dag in deze krant die op de redactie van Het Nieuwsblad zijn gemaakt. Typisch gaat het om één à twee roddels over beroemdheden voor ‘De Kleine Parade’, één à twee meldingen in de bovenband van de eerste pagina’s van DS2, en één à twee (soms meer) kortere verhalen op binnenland, vaak uit de gerechtelijke sfeer. Het Nieuwsblad neemt omgekeerd vijf verhalen over, op beurs & economie, buitenland, en binnenland. Meestal gaat het om (drastische) inkortingen van verhalen die in de andere krant groot worden gebracht.

De lezer had dus gelijk. Maar wat hij vaststelde, bestaat al lang, en blijft tot dusver beperkt tot afgebakende, weinig prominente plaatsen.

Synergieën zijn maar een aspect van wat ‘pluralisme’ in de media heet. Voor de ene heeft het te maken met de hoeveelheid eigenaars (te weinig), of de hoeveelheid titels onder één dak (te veel); voor de andere met ideologische (geen ‘linkse’ of ‘rechtse’ media) of sociologische (te weinig minderheden en lagere klassen) diversiteit; voor nog een andere met het spectrum aan journalistieke genres (te weinig onderzoek, te weinig essayistiek,...). De theorieën over pluralisme zijn al even divers als wat ze willen beschrijven. Maar centraal staat de afkeer van ‘eenheidsworst’, de overtuiging dat mainstream media – in synergie of niet – grotendeels hetzelfde publiceren.

Ook dat heb ik bekeken. Zij het met een, noodgedwongen, nogal ruwe test. Ik heb één dag lang alle artikels vergeleken in alle papieren versies van de Vlaamse kranten. Ik heb geteld over hoeveel onderwerpen ik ben ingelicht. Let wel, onderwerpen. Als Nelson Mandela sterft, dan is dat één onderwerp.

U hoeft niet te raden. Als u één dag lang alle artikels in De Standaard, De Morgen, De Tijd, Het Laatste Nieuws, Het Nieuwsblad en Gazet van Antwerpen leest, dan bent u ingelicht over 374 afzonderlijke nieuwsfeiten. Of dat zou u toch zijn geweest op donderdag 5 juni 2014, de dag waarvoor ik de test deed.

Ze zijn niet alle 374 even relevant of belangwekkend, om het zacht uit te drukken, en ‘een onderwerp’ kan zowel een reportage van twee pagina’s als een kortje van drie regels zijn. Bovendien negeer ik wat radio en tv die dag hebben gebracht, en de magazines, en de buitenlandse pers, om te zwijgen van het internet, dat geflipte ballenkanon van weetjes. Het gaat ook maar om één dag. (Op 2 juli 2013 heb ik ongeveer dezelfde test gedaan, met ongeveer hetzelfde resultaat.) Maar het geeft een idee. Zo tel ik makkelijk enkele tientallen verhalen die wél bijdragen tot een betere kennis van de wereld. Bovendien: de overlap tussen de titels is minder groot dan ik vreesde. Slechts vier verhalen staan in alle zes de kranten. De Standaard, De Morgen en De Tijd delen die dag acht onderwerpen. De Standaard en De Morgen hebben het elf keer over hetzelfde. De Standaard en De Tijd 17 keer. Hou het totale aantal verhalen in het achterhoofd. Voor De Standaard alleen zijn dat er 85.

Bovendien is een onderwerp herhalen niet per se slecht. Een van de vragen die ik recent vaak heb gekregen, is hoe het komt dat de reeks van De Standaard over het racisme bij de Antwerpse politie minder is opgepikt dan de getuigenis van Peter Verlinden over het vandalisme op zijn gevel. Het BV-effect? Het witte-mediamannen-effect? Het comfort van de vrijblijvendheid? (Bij Verlinden is niemand verantwoordelijk, we viseren de onbekende racist.) Allicht. Maar ook: reproduceerbaarheid. De getuigenissen waar De Standaard uit putte, had de krant alleen. Voor andere kranten is het moeilijker om binnen het bestek van één dag soortgelijke of aanvullende informatie te vinden. Tragisch genoeg valt eigen onderzoek daardoor vaak dood, omdat andere titels het niet kunnen oppikken. Terwijl je een barnum-effect nodig hebt, om gezagsdragers ter verantwoording te roepen. Copy-paste is niet altijd slecht.

Herhalen helpt

Wat ons meteen bij de laatste, meest onvoorspelbare factor brengt: u, de burger, de drager van de democratie. De publieke opinie is van nature inert. Eén artikel leidt zelden tot collectieve betrokkenheid. Om voor mezelf te spreken: bij mij kan het meer dan een week duren, voor ik een nieuwsverhaal écht begin te volgen. Omdat ik denk: ‘Het zal wel, vandaag ga ik met de kinderen naar de Efteling, of lees ik een roman, of...’ Ook daarvoor is de volgehouden herhaling, de ‘eenheidsworst’ nuttig. Uiteindelijk denk ik: ‘Het is daar precies toch belangrijk, in Oekraïne.’ En dan ben ik kwaad op ‘de media’ omdat die al een week verder zijn, en ik nergens nog een samenvatting vind van wat voorafging.

Er spelen dus veel factoren mee, als het gaat over pluralisme in het nieuws. Het is makkelijker om erover te jammeren dan om het te begrijpen – zoals gewoonlijk. De monitor die de Europese Commissie heeft laten ontwikkelen, onder leiding van de KU Leuven, werkt niet voor niets met zes grote categorieën, met elk tussen de vijf en de tien grote criteria, waar dan telkens een aantal vragen over worden gesteld – en de opgetelde score leert hoe het mediapluralisme in een lidstaat ervoor staat. De resultaten voor België hadden normaal vandaag voorgesteld moeten worden, maar dat werd uitgesteld. Zodra ze er zijn, breng ik u op de hoogte.

Vanzelfsprekend blijf ik in de gaten houden of het aandeel overgenomen artikels uit andere kranten uit de groep in de toekomst stijgt. En of dat inhoudelijke problemen oplevert. Dat zal, zoals steeds, geval per geval bekeken worden.

De column van de ombudsman verschijnt tijdens de zomermaanden niet op papier. Online gaat hij wel gewoon door.

 

Aanvulling.

Om één en ander aanschouwelijk te maken, voeg ik hieronder wat illustraties toe van hoe die synergie tussen Het Nieuwsblad en De Standaard eruitziet. Dit is een voorbeeld van hoe artikels uit de "vrije tijd"-sectie van Het Nieuwsblad hergebruikt worden in het societyrubriekje "de kleine parade" in De Standaard. (De foto's zijn van de kranten waarmee ik mijn research heb gedaan, het groene of blauwe kruis duidde aan wanneer een stuk terugkeerde in de andere krant.)

 

De meeste artikels in het Sportkatern van De Standaard zijn ook identiek in Het Nieuwsblad - al kiest die krant er soms voor om ze als belangrijkste nieuws vooraan te brengen, zoals hier het geval is met Niels Albert:

 

En ook de regionale berichtgeving in De Standaard komt uit Het Nieuwsblad.

 

In de bovenband van het cultuurkatern van De Standaard staan vaak één of twee korte artikels die een langere pendant kennen in Het Nieuwsblad van diezelfde dag.

 

En in de sectie Binnenland van De Standaard staan ook dagelijks een, twee, drie kortere stukken, die op de redactie van Het Nieuwsblad gemaakt zijn, en in die krant vaak groter gebracht worden.

 

 

Omgekeerd neemt Het Nieuwsblad artikels over van De Standaard uit de sectie Economie.

 

En soms ook uit de sectie Buitenland.

 

Of Cultuur...

 

En vaak ook, ingekort, uit de sectie Binnenland.

 

 

Al wil dat niet zeggen dat er altijd wordt ingekort. Af en toe zie je dat ook in de sectie Binnenland beide kranten groot gaan met dezelfde tekst, zoals met dit stuk over het WK:

 

En in een zeer uitzonderlijk geval gebeurt dat zelfs in één berichtgeving over meerdere pagina's, zoals bij de kettingbotsing door dichte mist op 4 december 2013.