Prince speelt Brussels verrassingsconcert vol hits
Prince (archiefbeeld) Foto: afp/belga
Prince speelde dan toch drie verrassingsconcerten en dan nog wel in de Orangerie van de Brusselse Botanique. Het eerste werd een korte, intieme show vol hits en veel gekke bekken.

Omstreeks half negen begonnen Prince en zijn begeleidingsband 3rdEyeGirl aan hun aftershow, drie dagen na hun officiële concert in Het Sportpaleis in Antwerpen. Voor een bomvolle zaal van amper vierhonderd uitzinnige fans trok de Amerikaanse superster van leer met vonkend gitaargeweld.

Hij zag er goedgeluimd en energiek uit, trouwens. Nu we op amper drie meter van Het Kleine Genie stonden, zagen we dat de jaren amper vat op hem hebben gehad. Prince, de kruin onder een wollen muts verborgen, zag er mager en gespierd uit, draaide pirouettes en deed een mal James Brown-dansje als een jong veulen.

Tijdens zijn knetterende gitaarsolo’s trok hij de gekste bekken (zo’n beetje zijn officieuze handelsmerk): bij lange uithalen een gezicht alsof hij ter plekke klaar kwam, bij vingervlugge riffs een gelaat van 'wat overkomt mij hier toch!'. Er is een cartoonfiguur aan hem verloren gegaan.

'Concert zonder technologie voor jullie gezicht'

Geweldige locatie voor zo’n aftershow trouwens: de Botanique is breed, zodat iedereen in de zaal genoeg kon zien. Alleen de technicus had hoorbaar moeite met de akoestiek. De eerste drie nummers klonken onevenwichtig, met de gitaren slordig in de geluidsmix, zodat de rocker ‘Screwdriver’ en de cultclassic ‘She’s always in my hair’ een beetje krakkemikkig overkwamen.

In de zaal gold trouwens een streng gsm-verbod: wie werd betrapt op foto’s maken met de gsm kreeg een norse securityman op zijn dak. Of een streng wijzende Prince die de onverlaat vanop het podium berispte. 'Dankjewel dat jullie dit concert beleefden zonder technologie voor jullie gezicht', zei hij na de show.

Het dankbare, in trance verkerende publiek kreeg een hele resem hits op z’n bord, vaak in een vrij oorspronkelijke versie. ‘Kiss’, bijvoorbeeld, gezongen met die schelle falset en bulkend van de schichtige funkgitaartjes. Of ‘When doves cry’, waarvoor Prince achter de drumcomputer kroop, en ‘Alphabet St’, met een sappig basinterludium door de bekoorlijke Ida Nielsen.

Fascinerend om die drie vrouwelijke muzikanten zo geconcentreerd naar hun baas te zien spieden en gespannen oogcontact met hem en met elkaar te zien maken. Musiceren voor Prince betekent immers onfeilbaar zijn: Prince duldt geen foutjes.

In Brussel kreeg het meisjestrio trouwens versterking van keyboardspeelster Cassandra O’Neal, bekend van haar werk bij The New Power Generation, zijn oude begeleidingsgroep.

Overload aan hits

Wie vertrouwd is met de aftershows van Prince zal toch even in de haren hebben gekrabd bij de overload aan hits. Traditiegetrouw gebruikt Prince die speciale concerten om eens lekker zijn zin te doen. De voorbije dertig jaar jamde hij er wild op los, speelde hij er zeldzame tracks, covers of onorthodoxe versies van zijn klassiekers. In de Botanique lag dat anders want hier kregen we een soort miniversie van zijn stadionconcerten, met veel hits dus. Zélfs ‘Purple rain’ kwam langs, als afsluiter, in een lange versie met zoals steeds een enthousiast 'oe-oe-oe'-zingend publiek. Tiens, was Prince dat liedje dan niet beu gespeeld? Lange tijd weigerde hij zelfs om die monsterhit tijdens zijn reguliere concerten te brengen.

De reden voor die behoudsgezinde aanpak ligt wellicht bij de dames van 3rdEyeGirl. Dat zijn rechttoe-rechtaan rockmuzikanten, geen jazz-cats die het improviseren in de vingers hebben. Niets mis mee, natuurlijk, maar het betekende dat deze aftershow een stuk minder avontuurlijk was dan die uit het verleden, met andere begeleiders (denk maar aan zijn eerste jazzy passage in het Brusselse Viage in 2010 of aan de jamsessies uit de jaren 80 en 90).

Detailkritiek, uiteraard. Prince toonde zich een gitaargod, zijn charisma was elektrisch en zijn podiummoves duivels sexy. Wat een traktatie!

Prince & 3rdEyeGirl, gezien op 29 mei in de Botanique, Brussel