Nederlandse regeringspartijen verliezen samen bijna dertig procent
Mark Rutte (VVD) Foto: AFP

Als we de exit polls van de Europese verkiezingen in Nederland vergelijken met de verkiezingsuitslag van 2012, voor de Tweede Kamer, dan verliezen de regeringspartijen VVD en PvdA samen 29,7 procent. Tegenover de Europese verkiezingen van 2009 gaan ze er een half procentje op vooruit. De PVV wijt haar slechte uitslag aan de tegenvallende opkomst.

De vraag is natuurlijk of je Europese verkiezingen met nationale kan vergelijken. ‘Volgens politicologen stemmen burgers Europees zoals het hart in geeft’, schrijft De Volkskrant. Minder strategisch dus. Maar in Nederland woedt het debat over een ‘Nexit’, een uitstap van Nederland uit de EU veel sterker dan bij ons, dus het Europees debat leeft er ook veel sterker. Komt daarbij nog de belabberde opkomst, 37 procent tegenover 53 procent voor de gemeenteraadsverkiezingen eerder dit jaar, en het is moeilijk te spreken van een duidelijke afstraffing van het beleid van het kabinet-Rutte.

Toch krijgen de VVD en de PvdA een harde klap te verduren. Dat de burger die partijen nog even hard steunt als twee jaar geleden, is ver van de waarheid. De VVD valt ten opzicht van 2012 terug van 26,6 procent (11,4 in 2009) tot 12,3 procent, en de PvdA van 24,8 procent (12,1 in 2009) naar 9,4 procent.

De SP, die tweede linkse partij, wordt met 10 procent van de stemmen ‘definitief de grootste partij op links’, zoals leider Roemer het zei. Al hoort daar wel een kanttekening bij: het verschil tussen de SP en de PvdA is Europees erg groot, gezien de PvdA pro-Europa is, en de SP eurosceptisch. D66 (15,6 procent) steekt de VVD voorbij op links (12,3 procent). Beide regeringspartijen moeten dus een andere partij vóór zich dulden.

Wat nog opvalt: de Nederlandse kiezers, tenminste zij die kwamen opdagen, stemden erg verdeeld. D66 is de grootste met 15,6 procent, daarna volgt de CDA (15,2 procent) en in hun kielzog volgen zes partijen die een uitslag behalen tussen de 7 en de 15 procent (in volgorde: VVD, PVV, SP, PvdA, CU/SGP en GroenLinks). Achterop hinken nog PvdD en 50Plus.