Een krant is een bundeling. Een krantensite ook?
Tom Naegels

Als een krant zich onderscheidt door nieuws te bundelen, met elkaar in verband te brengen en hiërarchie aan te geven, dan moet een nieuwssite dat ook doen, toch? Tom Naegels vindt dat er nog werk aan de winkel is.

Een lezer contacteerde me onlangs gefrustreerd over de manier waarop het verkiezingsnieuws gestructureerd werd op De Standaard Online. ‘Het grootste deel is nog steeds gewoon een simpele blogroll van de gratis artikels’, schreef hij me. ‘Er zit geen hiërarchie of overzicht in, en veel artikels die in de krant staan (zoals de extra bijlagen) komen op de site niet voor.’

Dat laatste is niet helemaal waar. In de rechterzijbalk van standaard.be/verkiezingen staat een heel aantal van de grote verkiezingsprojecten opgelijst die De Standaard deze campagne heeft opgezet: de peiling, Rekening14, de rapporten van de regeringen, de reeks ‘de fiksers van de Wetstraat’, de vijf gedurfde ideeën die de redactie onder de titel ‘het is tijd voor...’ naar voren schoof. Die rollen niet genadeloos weg onder druk van recentere, maar daarom niet even belangrijke nieuwe stukjes – zoals wel het geval is in de linkerkolom.

Grote vs. kleine artikels

Toch vind ik het nog steeds relevante kritiek. Hoe een nieuwsverhaal wordt voorgesteld, de plaats die het inneemt tussen het andere nieuws, is niet alleen een praktische kwestie, maar ook een inhoudelijk statement. Papieren kranten erkennen dat principe al sinds hun ontstaan, door te werken met grotere of kleinere artikels, die meer voor- of achteraan in de krant worden geplaatst. Op die manier drukt een redactie uit welk waarde ze aan nieuws hecht. De hoofdredactie heeft het belang daarvan al verschillende keren benadrukt, het meest recent in de bijlage over het honderdjarige bestaan van De Standaard: ‘In welke vorm ze ook verschijnt, essentieel aan de krant is dat ze een bundeling is. De redactie maakt het verschil duidelijk tussen belangrijk en minder belangrijk nieuws.... Een krant is geen toevallig samenraapsel.’ (‘Journalistiek is een politiek project’, DS 30 april )

Online blijft het erg moeilijk om dat vorm te geven. Zoals ik zei: een aantal reeksen staat keurig opgelijst. Maar de grote politieke interviews die de afgelopen dagen in de papieren De Standaard verschenen – zelfs het meest recente, van afgelopen maandag, met Bart De Wever – zoek ik tevergeefs op de verkiezingswebpagina. De commentaarstukken van de redactie: idem. De debatten die op de opiniepagina’s zijn gevoerd: onvindbaar. De reeks ‘partijkoorts’, de bijlagen voor jongeren, de bijlage over de dood van Jean-Luc Dehaene, de reguliere dagelijkse politieke berichtgeving uit de papieren krant... Ze staan er allemaal niet op. In de plaats daarvan wordt de meest prominente plaats links bovenaan ingenomen door een overzicht van tweets, en daaronder twee lijsten met nieuwtjes over de campagne, waarvan een aantal dubbel staat. Het belang ervan varieert van ‘Barbara Pas daagt Kristof Calvo voor de rechter’ tot ‘Overspelsite gebruikt De Wever en Rutten als gezichten voor campagne’.

De oorzaak ligt bij de fatale (mentale) kloof tussen ‘gemaakt voor papier’ en ‘gemaakt voor online’, die niet alleen in de organisatie van de redactie, maar ook in die van de site zelf wordt volgehouden. Dat sommige artikels betalend te lezen zijn en andere gratis, is verdedigbaar, maar dat de betalende stukken ook op een andere plaats op de site terechtkomen, een plaats die sterk lijkt op een papieren omgeving, is aanzienlijk minder logisch – zéker als je een thematische deelsite creëert waar je al je nieuws over de verkiezingen wil onderbrengen. De Standaard is een krant met een grote Wetstraatredactie, die de afgelopen weken vaak indrukwekkend werk heeft verzet met het maken van interviews, analyses en reportages. Is het niet gek dat die artikels genegeerd worden, ten voordele van een terzijde over het stemadvies van Daan?

‘Onrust in Oekraïne’

En dan is er met het verkiezingsnieuws nog een verdienstelijke poging ondernomen om het thematisch, coherent, overzichtelijk en hiërarchisch te ordenen. Voor een deel van het buitenlandnieuws heeft men die oefening ook gemaakt, zie ik. ‘Onrust in Oekraine’ is een thematische deelsite, met in de rechterbalk een overzicht van de belangrijkste protagonisten, wat toch handig is als een lezer, na enkele dagen andere dingen aan zijn hoofd, weer tracht mee te zijn. (Maar ik zie geen overzicht van de belangrijkste recente gebeurtenissen, bijvoorbeeld, of van de geschiedenis van het conflict. De nadruk ligt heel sterk op ‘onmiddellijkheid’, met de tweet wall en de foto’s en de video’s. Online verwacht ik tegelijk ook terugblik, duiding, tijdloosheid.)

Maar op andere plaatsen op de site is er van zo’n overzicht helemaal geen sprake. ‘Cultuur en media’ is een chronologische lijst van van alles en nog wat, ‘gezondheid en psycho’ idem. Terwijl de krant toch redacteurs heeft die gespecialiseerd zijn in voeding, of in gezondheid. Hun stukken, als ze er al staan (meestal niet), verdwijnen tussen lolligheden over ‘waarom we langer leven dankzij een Japans dieet’.

De site iswork in progress. Het is een nieuwe vorm van nieuwsverspreiding, en de media-organisaties leren bij in het openbaar. Veel van de problemen waar mensen over klaagden toen ik drie jaar geleden als ombudsman aan de slag ging, zijn nu opgelost. De grote uitdaging nu is om online een inhoudelijke coherentie te vinden; een manier om niet alleen snel en juist te zijn, en om een digitaal archief aan te bieden, maar ook om het nieuws hiërarchisch te ordenen, op een andere manier dan je op papier deed – maar nog steeds als een bundeling, geen toevallig samenraapsel.

De ombudsman houdt de redactie van De Standaard wekelijks een spiegel voor. Opmerkingen over journalistiek in De Standaard kan u melden via ombudsman@standaard.be en via www.standaard.be/ombudsman, waar u ook links vindt naar zijn Facebooken Twitterpagina (@OmbudsDS)