Hooggeschoolde jongeren vinden niet alleen makkelijker een job dan hun laaggeschoolde leeftijdsgenoten, ze blijven meestal ook langer aan de slag. Dat blijkt uit een onderzoek van de VDAB.

De Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) onderzocht of jongeren in crisistijd voor een langere tijd aan het werk blijven, of snel weer in de werkloosheid belanden. De arbeidsbemiddelaar bekeek de situatie van ruim 120.000 jongeren die in 2012 uit de werkloosheid zijn geraakt.

Zeven op de tien van hen gingen gemiddeld voor een periode van iets meer dan zes maanden aan het werk. Hooggeschoolden waren echter beter af: bijna twee op de drie van hen bleven minstens een jaar aan de slag, tegen net een derde bij de laaggeschoolden.

Het onderzoek toont ook het belang aan van snel werk vinden. Hoe langer iemand in de werkloosheid zit, hoe groter de kans dat gevonden werk niet duurzaam is. Dat geldt voor alle onderwijsniveaus. ‘Bij jongeren die minder dan 3 maanden werkzoekend waren, bleef 55 procent minstens 12 maanden na het vinden van werk aan de slag’, stelt de VDAB. ‘Bij wie langer dan een jaar werkzoekend was, is dit maar één derde.’

De VDAB stelt nog vast dat jonge werkzoekenden vaker werk vinden dan ouderen, maar dat er geen verschil is in de duurzaamheid van de gevonden job. Net als bij jongeren is ook bij de 50-plussers die werk vonden, na een jaar nog 48 procent aan de slag.