Het leger oplappen kan niet meer
Foto: Joris Snaet

Het fundamentele debat over waar we met ons leger naartoe willen is veel te belangrijk om alleen aan politici over te laten, zegt VRT-journalist JENS FRANSSEN. Nochtans zwijgen het leger en de academische wereld.

Wie? Radiojournalist voor VRT Nieuws

Wat? De verkiezingsprogramma’s zijn bijzonder vaag over de toekomst van ons leger. De situatie in Oekraïne bewijst nochtans dat ook wij er maar beter goed over nadenken.

Mocht u het gemist hebben: door de crisis rond Oekraïne is de Koude Oorlog weer

uit het vriesvak gehaald. Voor het eerst in lang hoor je weer politici in Europa onomwonden pleiten voor meer geld voor Defensie. Want met de capriolen in het Kremlin van die Poetin houden we toch liever een stealth-gevechtsvliegtuig dan een oude stok achter de deur. Zweden en Noorwegen beslisten al hun defensiebudget op te trekken. Duitsland volgt wellicht.

Of wij het willen of niet, ook ons land zal de komende jaren extra geld moeten opzijleggen voor ons leger. Want weet dat België de voorbije jaren veel te weinig heeft uitgegeven aan Defensie. De voorbije vijftien jaar hadden onze jongens en meisjes in het groen de twijfelachtige eer om aan het eind van elke begrotingsnacht de resterende tekorten te mogen dichten. Maar dat is nu niet meer mogelijk: de F16-gevechtsvliegtuigen, de fregatten en de mijnenvegers zijn aan hun laatste inzetbare jaren bezig. Oplappen kan niet meer.

In tegenstelling tot het buitenland moeten we helaas vaststellen dat de voorbije regeringen er niet in geslaagd zijn om een heldere visie te formuleren over waar we nu naartoe willen met ons leger. Iedereen hamert op internationale samenwerking, maar wie de verkiezingsprogramma’s van de grote partijen aan beide kanten van de taalgrens naast elkaar legt, merkt dat alle partijen in een andere richting willen marcheren.

Volgens CD&V is de kerntaak van Defensie het bijzonder vage ‘militaire operaties van diverse aard’ en de partij wil daarvoor nieuwe dure Amerikaanse gevechtsvliegtuigen. Het FDF wil dan weer Europese gevechtsvliegtuigen, zodat onze industrie een graantje meepikt. De MR wil ‘concentreren’ en kazernes sluiten, terwijl voor de PS ‘herinnering/herdenking (van de voorbije oorlogen)’ een prioriteit moet blijven. De liberalen willen een beetje van alles en de groenen willen de kernwapens weg. Tja.

Misschien wordt het tijd dat onze militairen, toch defensiespecialisten pur sang, in dit belangrijke debat maar eens buiten hun kazernemuren komen.

Testje! Wie is de nieuwe ceo van nv Belgisch Leger, toch een boîte waar meer dan 30.000 man werkt. Neen? Niet verwonderlijk, Generaal vlieger Gerard Van Caelenberge is sinds zijn aantreden bijna twee jaar geleden volstrekt onzichtbaar in het debat. Als onbekend onbemind maakt, dan zal Defensie zichzelf dringend meer en beter in de markt moeten zetten. Google bijvoorbeeld ‘Nederland Defensie doctrine’ en je krijgt een keurig pdf-je met waar de Nederlandse Defensie voor staat. Google ‘België Defensie doctrine’, en je krijgt verwijzingen naar een Nederlandse tweedehandssite waar je afgedankte legerspullen kan kopen (een gebruikte kakigroene hoeklamp – 5 euro).

Tijd ook dat de academische wereld uit de onderzoeksloopgraven komt. Of beter nog: erin duikt. Als we aan onze universiteiten analyses vragen over de vraag of fietsers ‘rechts door rood’ mogen, moeten onderzoekers zich dan ook niet op wetenschappelijk niveau bezighouden met ons veiligheidsbestel? Hebben we meer Defensie nodig? Of liever wat minder maar dan beter? Hebben we nood aan gevechtsvliegtuigen of fregatten? Aan fregatten of aan mijnenvegers? Of aan drones? Militairen moeten politici opties kunnen aanbieden als het erop aankomt. Maar welke? Is het haalbaar (en wenselijk) dat pakweg Portugezen Belgen zouden evacueren uit Kinshasa? En wat mag dat kosten? Meten is weten.

Willen we ook afspreken dat de tijd voorbij is dat een minister van Defensie zich er kan vanaf maken dat we vijf miljard euro moeten ophoesten aan gevechtsvliegtuigen ‘omdat we een betrouwbare partner’ moeten zijn? De wachtlijsten in de gezondheidszorg zijn lang genoeg opdat ons defensiebeleid (en de dure centen die we er misschien aan willen besteden) beter verdient dat dit soort dooddoeners. Want Defensie gaat vandaag allang niet meer over het handhaven van de soevereiniteit (al denken ze daar in Oekraïne vandaag al weer wat anders over), maar gaat over wat voor ons strategisch belangrijk is in een complexe wereld. Het gaat onder meer over samen met onze partners de levensaders naar onze economie veilig stellen en over het verdedigen van de waarden waar we voor staan.

Nu overheidsbudgetten onder druk staan zal Defensie elke euro die het vraagt meer dan ooit moeten verdienen. En daar horen ook goed bestuur, rekenschap en transparantie bij. De generaals en hun politici kunnen dan ook maar beter gisteren dan vandaag leren omgaan met die nieuwe kritische omgeving.

Het fundamentele debat over waar we met ons leger naartoe willen is te belangrijk om alleen aan politici en militairen over te laten. Vraag dat maar aan de Oekraïners.