De Kamercommissie Binnenlandse Zaken heeft dinsdag een wetsontwerp goedgekeurd waardoor politieambtenaren in bepaalde gevallen hun naamplaatje mogen vervangen door een identificatienummer. De tekst, die eerder groen licht kreeg in de Senaat, moet wraakacties door criminele organisaties tegen politiemensen vermijden. N-VA en Vlaams Belang onthielden zich.

Politieambtenaren en -agenten in functie moeten te allen tijde kunnen worden geïdentificeerd. Dat gebeurt door middel van een naamplaatje dat zichtbaar en leesbaar op een welbepaalde plaats op het uniform aangebracht moet zijn.

Het wetsontwerp dat donderdag groen licht kreeg in de bevoegde Kamercommissie, voorziet dat de korpschef, de commissaris-generaal, de directeur-generaal of hun afgevaardigde kunnen beslissen het naamplaatje te vervangen door een interventienummer omwille van de veiligheid of privacy van de agent. Dat nummer bestaat uit maximaal vier cijfers, voorafgegaan door een code van de politiezone voor de lokale politie en door een code van de dienst voor de federale politie.

Politieambtenaren die in burgerkledij optreden, of ten minste een van hen, moeten een armband dragen die het nummer zichtbaar en leesbaar vermeldt, behalve wanneer dit door de omstandigheden niet kan.