Energie nauwelijks betaalbaar voor één gezin op zeven
Foto: Photo News

Ongeveer 750.000 gezinnen in België, of zowat een op de zeven huishoudens, hebben af te rekenen met energiearmoede. Dat betekent dat ze meer dan 10 procent van hun inkomen aan verwarming en elektriciteit moeten uitgeven.

Dat blijkt donderdag uit een onderzoek van de FOD Economie, op basis van cijfers uit Huishoudbudgetonderzoek van 2010. Daaruit blijkt dat er nauwelijks verschil is tussen de energierekening van rijken en armen. De rijkste tien procent van de bevolking betaalt 1,7 meer voor energie dan de armsten, maar ze verdienen wel 6,5 keer meer. De rijksten geven dus slechts 5 procent van het inkomen aan energie uit, terwijl dat bij de armste huishoudens kan oplopen tot 19 procent.

Het betalen van de energiefactuur wordt daardoor een lastige opdracht voor de armere huishoudens. Dat blijkt ook uit de cijfers van de voorbije jaren. Zo werden in 2013 bijna 80.000 afnemers wegens wanbetaling gedropt door hun elektriciteitsleverancier. Ook werden er in 2012 bijna 9.000 aansluitingspunten voor elektriciteit afgesloten.

De sterke stijging van de energieprijzen is de belangrijkste reden van de toename van energiearmoede. Van 2005 tot 2013 zijn de consumptieprijzen voor energieproducten namelijk met 44,2 procent gestegen, al werd daar vorig jaar wel een kentering vastgesteld.

Daarnaast speelt ook de kwaliteit van de woningen en van de toestellen een rol. Armere gezinnen wonen doorgaans in slecht geïsoleerde woningen, die moeilijker en duurder zijn om te verwarmen. Omdat ze meestal huren is investeren in energiebesparing meestal uitgesloten. Ook de huishoudtoestellen waarvan ze gebruik maken zijn vaak noodgedwongen goedkoper bij aankoop, maar vreten wel energie.