Zelfbehandeling chronische vermoeidheid succesvol

Zelfbehandeling werkt bij een derde van de patiënten met chronische vermoeidheid. Een combinatie van zelfbehandeling en aanvullende cognitieve gedragstherapie is net zo effectief als de bestaande reguliere zorg, maar minder tijdrovend. Dat blijkt uit onderzoek bij het Radboud umc in Nijmegen.

Eén van de weinige effectieve behandelingen van het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) is cognitieve gedragstherapie. Het Nijmeegs Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid ontwikkelde daarnaast een zelfbehandeling. Dit bestaat uit een werkboek met opdrachten die de patiënt thuis uitvoert en ondersteuning per e-mail.

De studie onderzocht een combinatie van zelfbehandeling en cognitieve gedragstherapie. De patiënt begint hierbij met zelfbehandeling. Werkt dit dan stopt het zorgtraject. Werkt het niet dan volgt er aanvullende cognitieve gedragstherapie. Uit het onderzoek blijkt dat deze getrapte zorg even effectief is als de bestaande reguliere zorg, dat is cognitieve gedragstherapie na een wachtperiode.

Het voordeel van getrapte zorg is dat het de behandelaar veel minder tijd kost. Dit komt vooral doordat patiënten na de zelfbehandeling over het algemeen minder individuele sessies van de cognitieve gedragstherapie nodig hebben.

Jonge patiënten, patiënten die minder last hebben van depressieve symptomen en patiënten die minder geneigd zijn om activiteiten te vermijden, behalen betere resultaten bij zelfbehandeling.