Vroom, vrouw én volwaardig
Katlijn Malfliet, Josian Caproens, Mieke Van Hecke en Myriam Van Varenbergh

Hoewel de katholieke kerk voor een groot stuk op vrouwelijke schouders rust, wordt die inzet nog steeds niet voldoende erkend. Katlijn Malfliet, Josian Caproens, Mieke Van Hecke en Myriam Van Varenberghwillen daarover niet blijven zwijgen..

Wie een beetje vertrouwd is met de katholieke kerk, weet dat de kerk in Vlaanderen en daarbuiten sterk door vrouwen gedragen wordt. Ze verrichten een groot deel van het ondersteunende werk, nemen vrijwillig allerlei taken op en dragen er vaak toe bij dat parochies nog bestaan. Dat is meteen ook het werk dat vanuit officiële kerkelijke hoek in toenemende mate gewaardeerd en benoemd wordt. Het is evenwel die eenzijdige kwalificatie van geëngageerde dienstbaarheid die ons naar de pen doet grijpen.

Pastor of pastoor

In de Vlaamse kerk zijn heel wat vrouwelijke pastores actief. Je vindt ze meer en meer in ziekenhuizen, psychiatrie, woonzorgcentra en ouderenzorg. Het gaat hier over pastor met één ‘o’ – want ‘pastoor’ of ‘priester’ zijn, zelfs tot diaken worden gewijd, is in de katholieke kerk nog steeds niet voor vrouwen weggelegd. Dat baart veel vrouwen en mannen zorgen. De kans dat je als je in een zorgvoorziening terechtkomt, een vrouwelijke pastor aan je bed krijgt, is groot. Ook in parochies nemen parochie-‘assistenten’, vaak vrouwen, allerlei vormen van leiderschap op zich. Ze gaan voor in vieringen, nemen deel aan beleidsorganen, sturen vrijwilligers aan, maken jaarplanningen op.

Vrouwen nemen dus leiderschap op in de kerk, meer dan de meeste mensen denken. Vaak moeten vrouwen in de kerk dubbel zo hard presteren als gewijde mannen, wier tekorten of fouten vanwege hun priester- of diakenschap vaak veel meer getolereerd worden. Of ze worden eerder voor zogenaamd typisch ‘vrouwelijke’ sectoren aangesteld: catechese en kinderwerking, terwijl meer publieke taken in de liturgie nog altijd eerder aan mannen – vooral gewijde mannen dan – gegeven worden. De structurele onmogelijkheid om tot het gewijd ambt toe te treden maakt het erkende leiderschap door vrouwen in de kerk niet compleet utopisch, wel zeer complex.

Veel ‘religieus betrokken vrouwen’ geven niet op en zoeken hun weg. Vandaag gaan vrouwen in verzet door klassieke religieuze begrippen, tradities en rituelen te herdenken, door hun engagement en identiteit te hertalen, vaak op een minder hiërarchische manier. Sommigen zetten zich af tegen het kerkelijke instituut, of verwerpen de christelijke religie in haar geheel, anderen proberen loyaal te zijn en zwijgen, maar een aanzienlijke groep probeert vanuit een kritische loyaliteit mee ‘beweging’ te maken. Omdat ze geloven in de waarde van religie en geloof. Omdat ze de eigen bijdrage wel waardevol vinden, omdat ze huiveren voor te abstract of institutioneel spreken over religie, los van het dagelijkse leven, de concrete belevingen van geloof thuis, op het werk en in de vrije tijd, samen met anderen. Omdat ze weten hoeveel steun religieus geloof kan betekenen voor anderen, en hoe deugddoend het kan zijn om een gelovig iemand bij zich te hebben op zowel moeilijke vreugdevolle momenten.

Vandaag willen we deze dienstbare en geëngageerde inzet, het creatief en kritisch denken én het leidinggevend handelen van vrouwen in de katholieke kerk in het publieke forum brengen. We kunnen niet blijven zwijgen. Ook de katholieke kerk heeft nood aan een duidelijk beleid, waarbij verschillende vormen van uitsluiting weggewerkt worden, waarin vrouwen zich gesteund mogen weten en aangemoedigd om hun stem te laten horen, om in solidariteit leiderschapsposities in te nemen en zichtbaar verder te bouwen aan een rechtvaardiger samenleving, vanuit hun gelovige inspiratie.