BIOGRAFIE. Een leven in dienst van de kunst
Jan Hoet met 21 naakte muzes, voor zijn 77e verjaardag. Foto: Dodi
Kunstkenner Jan Hoet overleed op 77-jarige leeftijd. Hoet bracht de kunst naar de gemiddelde Vlaming, onder meer als stichter van het S.M.A.K. in Gent. Al zal hij vooral bekend blijven als de man achter Over the Edges, ofte ‘de tentoonstelling met de plakken hesp’.

Jan Hoet werd op 23 juni 1936 geboren in Leuven. Tijdens de oorlogsjaren groeide hij op in Geel, waar zijn vader als psychiater werkte. Het gezin Hoet telde zeven kinderen en kreeg vaak kunstenaars (onder anderen Constant Permeke en Paul Delvaux) over de vloer, omdat vader Hoet een verwoed kunstverzamelaar was.

Hoet trok naar de kunstacademie, maar werd van de school gegooid omdat hij liever bij de kunstenaars in het atelier rondhing dan naar de lessen ging. Hij trekt daarop naar de Rijksnormaalschool in Gent, waar hij het regentaat in de plastische kunsten behaalde.

Aanvankelijk wilde Hoet zelf kunstenaar worden, maar in 1964 begreep hij dat hij als schilder nooit de overtreffende trap zou bereiken. Hij gaf zijn droom op en besloot zich met overgave op het bestuderen, begeleiden en beschermen van de kunst te werpen. Op 28-jarige leeftijd ging hij kunstgeschiedenis studeren aan de universiteit van Gent. Intussen verdiende hij de kost als tekenleraar aan de rijksmiddelbare school van Oostakker.

S.M.A.K.

Jan Hoet veroverde de Belgische kunstharten voor het eerst in 1975, toen hij directeur werd van het Museum voor Hedendaagse Kunst in Gent. Onder leiding van Hoet wint het museum aan prestige en groeit de collectie verder aan. In 1999 gaat Hoet nog een stapje verder, als hij het museum naar een andere locatie brengt. Het museum neemt zijn intrek in het casinogebouw in het Gentse Citadelpark en Hoet bedenkt ook een nieuwe naam. Het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst, het S.M.A.K., was geboren. Jan Hoet zal er artistiek directeur blijven tot 2003, wanneer hij de fakkel doorgeeft aan Amerikaan Peter Doroshenko.

Kunst uit het museum en 8.000 plakken ham

Op het rijkgevulde curriculum van Hoet prijken verder ook tal van grote evenementen, waarmee hij de kunst naar het volk wilde brengen. In 1986 zette de Vlaamse kunstpaus Gent op stelten met het veelbesproken project Chambres d’Amis. Bij de expo braken kunstwerken letterlijk uit het museum en werden ze gestald in privéwoningen. Het project zette Hoet op de artistieke kaart en zou zijn internationale doorbraak betekenen.

Later veroverde Hoet Gent opnieuw met het concept Over the Edges. Deze keer koos de kunstpaus geen privéwoningen, maar wel tal van openluchtplaatsen in de Gentse binnenstad. Een cycloop, een huishoudruzie met kletterende borden en een reusachtige spin aan het Gravensteen: opnieuw bracht Hoet de kunst naar het volk. Het is overigens ook tijdens deze expo dat zijn naamgenoot Jan Fabre de zuilen van de Gentse universiteit inpakte met maar liefst 8.000 plakken gerookte ham. Het zou het meest controversiële kunstwerk van de expo worden. Hoewel het kunstwerk met de ham dus niet op het conto van Hoet kan worden geschreven, wordt hij er uiteraard enorm aan gekoppeld. 

Internationaal

Maar niet alleen in België had Hoet aanzien. Ook internationaal had hij een bijzondere kunstcarrière. Zo was hij in 1992 curator van documenta IX in Kassel, was hij gedurende vijf jaar artistiek leider van het MARTa Herford in Duitsland en organiseerde hij in Duitsland de tentoonstelling Ad absurdum.

In 2012 zocht Jan Hoet nog verdere oorden op: hij gaf er de Biënnale van Yinchuan vorm. Zijn eerste Chinese project toonde een mix van hedendaagse kunst uit Azië en het Westen.

Je wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld je aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig