Nog steeds 250 jongeren in noodinternaten
Den Heuvel in Leopoldsburg Foto: BELGA

Er verblijven nog steeds 250 Vlaamse jongeren in zogenaamde noodinternaten. Die kwamen vorig jaar onder vuur te liggen na een ernstig geval van seksueel misbruik in Limburg. Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen wil zo snel mogelijk een andere oplossing voor de jongeren, herhaalde hij dinsdag in de bevoegde commissie van het Vlaams parlement.

In de vier Vlaamse noodinternaten worden jongeren opgevangen die in het weekend of in de schoolvakantie nergens anders heen kunnen. Ze worden er telkens voor de duur van de vakantie naartoe gebracht vanuit hun eigen internaat, wat zowel volgens de minister van Onderwijs als volgens de minister van Welzijn verre van een ideale oplossing is.

Eind vorig jaar kwam de schrijnende situatie in sommige van de noodinternaten aan het licht nadat er negentien klachten van seksueel misbruik binnenliepen uit het internaat Den Heuvel in Leopoldsburg. De daders - 14 en 15 jaar oud - werden overgeplaatst.

In de nasleep van de affaire werd beslist om de internaten over te hevelen van Onderwijs naar Welzijn. Dinsdag werd de minister door Helga Stevens (N-VA) naar de voortgang van het dossier gevraagd. ‘Een gemengd inspectieteam van Onderwijs en Welzijn voert momenteel een nulmeting uit in de vier opvangcentra’, zegt Jo Vandeurzen. ‘Binnenkort wordt het laatste bezoek uitgevoerd en dan worden de inspectieverslagen openbaar gemaakt.’

De Vertrouwenscentra Kindermishandeling krijgen een bijkomende subsidie van 150.000 euro voor de begeleiding van de betrokken minderjarigen.

Intussen wil de minister nog steeds zo snel mogelijk een oplossing voor de 250 jongeren die zeven dagen op zeven in een internaat verblijven. Het is de bedoeling hen in de pleegzorg te plaatsen of in een nieuw te ontwikkelen module voor begeleiding tijdens weekends en vakanties. Daarvoor wordt vanaf 1 januari 500.000 euro uitgetrokken. De overheveling van het budget voor de opvang buiten de schooldagen van Onderwijs naar Welzijn kan volgens Vandeurzen bij de begrotingscontrole van 2014.