Een zelfmoordaanslag op een begrafenis ten noorden van Bagdad heeft minstens 12 doden gemaakt. Het geweld in Irak blijft daarmee dodelijke slachtoffers eisen.

In de maand november kwamen bijna 950 mensen om, ondanks pogingen van de overheid om het geweld in te tomen. Volgens officiële cijfers ligt de dodentol sinds begin dit jaar op meer dan 6.100 slachtoffers.

Zondag bracht een zelfmoordterrorist een bom tot ontploffing op een begraafplaats in Baqouba, waar de begrafenis aan de gang was van een zoon van een leider van een anti-Al Qaidamilitie. Die was zaterdag bij een aanslag omgekomen. Die milities zijn wel vaker het doelwit van aanslagen, omdat Al Qaida hen beschouwt als verraders.

Baqouba, de hoofdstad van de multireligieuze provincie Diyala, is een van de minst stabiele regio’s van Irak.

De balans van november is iets beter dan die van oktober, toen 964 personen omkwamen. Dat was daarmee de dodelijkste maand in Irak sinds april 2008.

De vertegenwoordiger van de VN-secretaris-generaal in Irak, Nickolay Mladenov, heeft zondag in een persbericht de Iraakse autoriteiten opgeroepen “dringend maatregelen te nemen om de verantwoordelijken voor deze misdaden te vinden en te bestraffen, en de veiligheid van alle burgers te verzekeren.”

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig